BWBR0016139
Geldig vanaf 01-01-2004
Artikel 11
Regeling toezichtkosten DNB Wet toezicht kredietwezen 1992
1. De hoogte van het bedrag, bedoeld in artikel 7, eerste lid, bestaat uit een jaarlijks voor 1 juli door de Bank per categorie vast te stellen minimumbedrag vermeerderd met een bedrag dat:
a. wordt gebaseerd op de kosten die per categorie zijn toegerekend op de wijze, bedoeld in artikel 7, tweede tot en met vijfde lid, onder aftrek van het totaal van de aan de desbetreffende categorie in rekening te brengen minimumbedragen en
b. dat is doorberekend naar rato van de verdeelsleutel, bedoeld in artikel 9, tweede lid, gerelateerd aan de maatstafgegevens als bedoeld in artikel 9, eerste lid, per 31 december van het voorafgaande jaar, dan wel indien deze gegevens nog niet beschikbaar zijn, de gegevens van het lopende jaar.
2. Indien voor een categorie geen maatstaf als bedoeld in artikel 9 geldt, stelt de Bank voor de desbetreffende categorie jaarlijks voor 1 juli de hoogte van het bedrag, bedoeld in artikel 7, eerste lid, vast. De Bank baseert het bedrag op de kosten die aan de desbetreffende categorie zijn toegerekend op de wijze, als bedoeld in artikel 7, tweede tot en met vijfde lid.
3. Het bedrag, bepaald op basis van het eerste of tweede lid, voor een onderneming of instelling die pas na 1 januari van het lopende jaar onder een categorie valt, wordt in rekening gebracht naar evenredigheid van het aantal maanden in het jaar dat de onderneming of instelling onder de categorie valt, met dien verstande dat een gedeelte van een maand geldt als volledige maand.
a. wordt gebaseerd op de kosten die per categorie zijn toegerekend op de wijze, bedoeld in artikel 7, tweede tot en met vijfde lid, onder aftrek van het totaal van de aan de desbetreffende categorie in rekening te brengen minimumbedragen en
b. dat is doorberekend naar rato van de verdeelsleutel, bedoeld in artikel 9, tweede lid, gerelateerd aan de maatstafgegevens als bedoeld in artikel 9, eerste lid, per 31 december van het voorafgaande jaar, dan wel indien deze gegevens nog niet beschikbaar zijn, de gegevens van het lopende jaar.
2. Indien voor een categorie geen maatstaf als bedoeld in artikel 9 geldt, stelt de Bank voor de desbetreffende categorie jaarlijks voor 1 juli de hoogte van het bedrag, bedoeld in artikel 7, eerste lid, vast. De Bank baseert het bedrag op de kosten die aan de desbetreffende categorie zijn toegerekend op de wijze, als bedoeld in artikel 7, tweede tot en met vijfde lid.
3. Het bedrag, bepaald op basis van het eerste of tweede lid, voor een onderneming of instelling die pas na 1 januari van het lopende jaar onder een categorie valt, wordt in rekening gebracht naar evenredigheid van het aantal maanden in het jaar dat de onderneming of instelling onder de categorie valt, met dien verstande dat een gedeelte van een maand geldt als volledige maand.
- Citeren als
- Art. 11
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0016139
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl