BWBR0015806
Geldig vanaf 2003-11-08
Artikel 8
Regeling verlofsparen politie
1. De ambtenaar dient uiterlijk zes maanden voor de gewenste aanvang van het verlof een aanvraag in tot het opnemen van het gespaarde verlof.
2. In zijn aanvraag meldt de ambtenaar:
a. de begin- en einddatum van de gewenste verlofperiode;
b. wanneer de stortingen op de verlofspaarrekening moeten worden beëindigd;
c. of het verlofspaarloon geheel of gedeeltelijk moet worden aangewend tijdens de verlofperiode; en
d. zijn toestemming dat het bevoegd gezag bij een voor de ambtenaar positieve beslissing op de aanvraag mede namens hem aan de instelling kan verzoeken maandelijks een deel van het verlofspaarloon dat overeenkomt met het in artikel 10, eerste lid, bedoelde bedrag aan het bevoegd gezag beschikbaar te stellen.
3. Het bevoegd gezag kan nadere regels stellen met betrekking tot de aanvraag.
2. In zijn aanvraag meldt de ambtenaar:
a. de begin- en einddatum van de gewenste verlofperiode;
b. wanneer de stortingen op de verlofspaarrekening moeten worden beëindigd;
c. of het verlofspaarloon geheel of gedeeltelijk moet worden aangewend tijdens de verlofperiode; en
d. zijn toestemming dat het bevoegd gezag bij een voor de ambtenaar positieve beslissing op de aanvraag mede namens hem aan de instelling kan verzoeken maandelijks een deel van het verlofspaarloon dat overeenkomt met het in artikel 10, eerste lid, bedoelde bedrag aan het bevoegd gezag beschikbaar te stellen.
3. Het bevoegd gezag kan nadere regels stellen met betrekking tot de aanvraag.