BWBR0015158
Geldig vanaf 2009-04-02
Artikel 7
Spoedwet wegverbreding
1. Op de voorbereiding van het wegaanpassingsbesluit en de besluiten ter uitvoering van het wegaanpassingsbesluit, met uitzondering van de plannen, bedoeld in artikel 6, vijfde lid, en de besluiten inzake onteigening en nadeelcompensatie en besluiten krachtens de <a href="/wet/BWBR0001936" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Belemmeringenwet Privaatrecht</a>, is <a href="/wet/BWBR0005537" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht</a>van toepassing, met dien verstande dat:
a. in afwijking van artikel 3:11, eerste lid, van die wet de aanvragen tot het nemen van de bedoelde uitvoeringsbesluiten ter inzage worden gelegd;
b. de ingevolge artikel 3:12 van die wet vereiste kennisgevingen worden samengevoegd in één kennisgeving, welke wordt gedaan door Onze Minister;
c. zienswijzen naar voren kunnen worden gebracht door een ieder.
2. Onze Minister draagt ervoor zorg dat zo spoedig mogelijk na het opstellen van een ontwerp van een wegaanpassingsbesluit bij de bevoegde bestuursorganen de aanvragen worden ingediend tot het nemen van de besluiten die nodig zijn met het oog op de uitvoering van het wegaanpassingsbesluit.
3. Onze Minister zendt gelijktijdig het ontwerp-wegaanpassingsbesluit alsmede een afschrift van de aanvragen aan de betrokken bestuursorganen.
a. in afwijking van artikel 3:11, eerste lid, van die wet de aanvragen tot het nemen van de bedoelde uitvoeringsbesluiten ter inzage worden gelegd;
b. de ingevolge artikel 3:12 van die wet vereiste kennisgevingen worden samengevoegd in één kennisgeving, welke wordt gedaan door Onze Minister;
c. zienswijzen naar voren kunnen worden gebracht door een ieder.
2. Onze Minister draagt ervoor zorg dat zo spoedig mogelijk na het opstellen van een ontwerp van een wegaanpassingsbesluit bij de bevoegde bestuursorganen de aanvragen worden ingediend tot het nemen van de besluiten die nodig zijn met het oog op de uitvoering van het wegaanpassingsbesluit.
3. Onze Minister zendt gelijktijdig het ontwerp-wegaanpassingsbesluit alsmede een afschrift van de aanvragen aan de betrokken bestuursorganen.