BWBR0014788
Geldig vanaf 2003-07-03
Artikel 14
Regeling indicatiecriteria leerlinggebonden financiering en aanmeldingsgegevens leerlinggebonden financiering
1. Indien een leerling op grond van de artikelen 3, 4, 5, 7 tot en met 11 toelaatbaar zou zijn tot meer dan een onderwijssoort of toelaatbaar zou zijn tot zowel een onderwijssoort als tot cluster 4, dan wordt de leerling toelaatbaar verklaard tot de onderwijssoort of het cluster, bedoeld in het tweede lid en het derde lid.
2. Indien de samenloop in de zin van het eerste lid, in ieder geval betreft:
a. het onderwijs aan dove kinderen dan wel het onderwijs aan slechthorende kinderen: het onderwijs aan dove, respectievelijk het onderwijs aan slechthorende kinderen;
b. het onderwijs aan zeer moeilijk lerende kinderen: het onderwijs aan zeer moeilijk lerende kinderen en
c. cluster 4, niet betreffende een samenloop als bedoeld onder a en b: cluster 4.
3. Bij samenloop anders dan bedoeld in het tweede lid, beoordeelt de commissie voor de indicatiestelling op basis van de handicaps of de leerling toelaatbaar is tot een van de onderwijssoorten of tot cluster 4.
2. Indien de samenloop in de zin van het eerste lid, in ieder geval betreft:
a. het onderwijs aan dove kinderen dan wel het onderwijs aan slechthorende kinderen: het onderwijs aan dove, respectievelijk het onderwijs aan slechthorende kinderen;
b. het onderwijs aan zeer moeilijk lerende kinderen: het onderwijs aan zeer moeilijk lerende kinderen en
c. cluster 4, niet betreffende een samenloop als bedoeld onder a en b: cluster 4.
3. Bij samenloop anders dan bedoeld in het tweede lid, beoordeelt de commissie voor de indicatiestelling op basis van de handicaps of de leerling toelaatbaar is tot een van de onderwijssoorten of tot cluster 4.