BWBR0013800
Geldig vanaf 2021-04-07
Artikel 11
Wet op het onderwijstoezicht
1. Ter uitvoering van de in artikel 3, eerste lid, onderdelen a tot en met c, bedoelde taken onderzoekt de inspectie jaarlijks met inachtneming van artikel 4het onderwijs aan elke instelling. Naar aanleiding van het onderzoek geeft de inspectie een oordeel over de naleving van wettelijke voorschriften door de instelling en maakt zij aan de instelling haar bevindingen bekend over de ontwikkeling, in het bijzonder van de kwaliteit, van het onderwijs aan de instelling.
2. De inspectie verricht het onderzoek aan de hand van de bij of krachtens een onderwijswet gegeven voorschriften en, indien het betreft een instelling als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0003420" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op het primair onderwijs</a>, de <a href="/wet/BWBR0030280" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet primair onderwijs BES</a>, de <a href="/wet/BWBR0003549" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op de expertisecentra</a>of de <a href="/wet/BWBR0044212" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet voortgezet onderwijs 2020</a>, aan de hand van de volgende indicatoren:
a. schoolplan,
b. leerresultaten en de voortgang in de ontwikkeling van leerlingen,
c. monitor inzake de veiligheid van leerlingen op school,
d. informatie uit de jaarstukken, met inbegrip van het financieel jaarverslag,
e. beschikbare signalen over mogelijke knelpunten, waaronder het gevoerde personeelsbeleid, voor zover daar op grond van artikel 6a, eerste en tweede lid, aanleiding toe bestaat.
3. Indien uit het onderzoek, bedoeld in het tweede lid, een redelijk vermoeden voortvloeit dat de instelling tekortschiet in de naleving van wettelijke voorschriften, stelt de inspectie nader onderzoek in, waarbij tevens de oorzaken van het tekortschieten worden onderzocht. Dit nader onderzoek verricht zij, indien het betreft een instelling als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0003420" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op het primair onderwijs</a>, de <a href="/wet/BWBR0030280" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet primair onderwijs BES</a>, de Wet op de <a href="/wet/BWBR0003549" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">expertisecentra</a>of de <a href="/wet/BWBR0044212" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet voortgezet onderwijs 2020</a>, aan de hand van het schoolplan.
4. Indien de inspectie naar aanleiding van het onderzoek, bedoeld in het derde lid, oordeelt dat de instelling tekortschiet in de naleving van wettelijke voorschriften verricht zij na ten hoogste één jaar onderzoek naar de verbeteringen die de instelling heeft gerealiseerd.
5. De inspectie stelt het bestuur in kennis van de datum en het doel van een onderzoek, bedoeld in het derde of vierde lid. Kennisgeving geschiedt ten minste vier weken voor aanvang van een onderzoek. Indien de inspectie dit nodig oordeelt, verricht zij onderzoek zonder deze kennisgeving.
6. Bij de uitvoering van een onderzoek, bedoeld in het derde of vierde lid, kan de inspectie onafhankelijke deskundigen betrekken.
7. Het tweede lid, onderdeel e, is van overeenkomstige toepassing op de instellingen, bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0007625" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet educatie en beroepsonderwijs</a>of de <a href="/wet/BWBR0028395" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet educatie en beroepsonderwijs BES</a>.
8. De inspectie bezoekt ten minste elke vier jaar een representatief aantal van de onder een bestuur ressorterende instellingen. Bij dit periodiek instellingsbezoek verricht zij, indien het betreft een instelling als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0003420" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op het primair onderwijs</a>, de <a href="/wet/BWBR0030280" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet primair onderwijs BES</a>, de <a href="/wet/BWBR0003549" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op de expertisecentra</a>of de <a href="/wet/BWBR0044212" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet voortgezet onderwijs 2020</a>, het onderzoek aan de hand van het schoolplan.
2. De inspectie verricht het onderzoek aan de hand van de bij of krachtens een onderwijswet gegeven voorschriften en, indien het betreft een instelling als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0003420" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op het primair onderwijs</a>, de <a href="/wet/BWBR0030280" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet primair onderwijs BES</a>, de <a href="/wet/BWBR0003549" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op de expertisecentra</a>of de <a href="/wet/BWBR0044212" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet voortgezet onderwijs 2020</a>, aan de hand van de volgende indicatoren:
a. schoolplan,
b. leerresultaten en de voortgang in de ontwikkeling van leerlingen,
c. monitor inzake de veiligheid van leerlingen op school,
d. informatie uit de jaarstukken, met inbegrip van het financieel jaarverslag,
e. beschikbare signalen over mogelijke knelpunten, waaronder het gevoerde personeelsbeleid, voor zover daar op grond van artikel 6a, eerste en tweede lid, aanleiding toe bestaat.
3. Indien uit het onderzoek, bedoeld in het tweede lid, een redelijk vermoeden voortvloeit dat de instelling tekortschiet in de naleving van wettelijke voorschriften, stelt de inspectie nader onderzoek in, waarbij tevens de oorzaken van het tekortschieten worden onderzocht. Dit nader onderzoek verricht zij, indien het betreft een instelling als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0003420" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op het primair onderwijs</a>, de <a href="/wet/BWBR0030280" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet primair onderwijs BES</a>, de Wet op de <a href="/wet/BWBR0003549" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">expertisecentra</a>of de <a href="/wet/BWBR0044212" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet voortgezet onderwijs 2020</a>, aan de hand van het schoolplan.
4. Indien de inspectie naar aanleiding van het onderzoek, bedoeld in het derde lid, oordeelt dat de instelling tekortschiet in de naleving van wettelijke voorschriften verricht zij na ten hoogste één jaar onderzoek naar de verbeteringen die de instelling heeft gerealiseerd.
5. De inspectie stelt het bestuur in kennis van de datum en het doel van een onderzoek, bedoeld in het derde of vierde lid. Kennisgeving geschiedt ten minste vier weken voor aanvang van een onderzoek. Indien de inspectie dit nodig oordeelt, verricht zij onderzoek zonder deze kennisgeving.
6. Bij de uitvoering van een onderzoek, bedoeld in het derde of vierde lid, kan de inspectie onafhankelijke deskundigen betrekken.
7. Het tweede lid, onderdeel e, is van overeenkomstige toepassing op de instellingen, bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0007625" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet educatie en beroepsonderwijs</a>of de <a href="/wet/BWBR0028395" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet educatie en beroepsonderwijs BES</a>.
8. De inspectie bezoekt ten minste elke vier jaar een representatief aantal van de onder een bestuur ressorterende instellingen. Bij dit periodiek instellingsbezoek verricht zij, indien het betreft een instelling als bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0003420" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op het primair onderwijs</a>, de <a href="/wet/BWBR0030280" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet primair onderwijs BES</a>, de <a href="/wet/BWBR0003549" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op de expertisecentra</a>of de <a href="/wet/BWBR0044212" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet voortgezet onderwijs 2020</a>, het onderzoek aan de hand van het schoolplan.