BWBR0013753
Geldig vanaf 2010-11-22
Artikel 7
Voorzieningenbesluit ministers en staatssecretarissen
1. Ministers en staatssecretarissen hebben voor de duur van de vervulling van hun ambt een dienstauto met chauffeur ter beschikking.
2. De prijs per kilometer van de dienstauto bedraagt niet meer dan € 0,82 exclusief BTW, berekend op de grondslag van een gebruiksduur van twee jaar en 60.000 gereden kilometers per jaar.
3. Het bedrag, genoemd in het tweede lid, wordt per 1 januari van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd overeenkomstig de procentuele wijziging van het prijsindexcijfer jaargemiddelde operationele autolease inclusief brandstof, zoals door het Centraal Bureau voor de Statistiek gepubliceerd, over het tweede kalenderjaar voorafgaand aan genoemde datum ten opzichte van hetzelfde indexcijfer over het jaar daaraan voorafgaand.
4. De prijs per kilometer wordt berekend aan de hand van de formule
(((n / (l/12)) + o + f + g + h + p) / m) + i
waarin:
n = (((a-c)/1,19) + (b/1,19) + c) – (d/1,19)
afschrijving over looptijd (inclusief BPM en exclusief BTW);
o = ((d/1,19) x e) + ((n/2) x e)
rente per jaar;
p = ((k/1,19) x (m/100) x j)
brandstofkosten per jaar;
en:
a = consumentenprijs inclusief accessoires af fabriek (inclusief BPM en BTW);
b = consumentenprijs van accessoires achteraf en/of door derden (inclusief BTW);
c = totale BPM;
d = totale marktconforme restwaarde inclusief BTW en BPM;
e = rentetarief in procenten;
f = administratiekosten inclusief management fee per jaar doch exclusief BTW (of interne kosten ingeval niet wordt uitbesteed);
g = houderschapsbelasting per jaar;
h = het in het kader van het omslagstelsel door het Bureau Schade Afwikkeling vastgestelde bedrag;
i = ROB exclusief BTW;
j = brandstofverbruik in liters per 100 kilometer;
k = tarief bij brandstofsoort inclusief BTW;
l = looptijd in maanden;
m = jaarkilometrage.
5. De dienstauto wordt slechts in gebruik genomen nadat is vastgesteld dat aan de voorschriften van het tweede tot en met vierde lid is voldaan, tenzij afwijking van deze voorschriften noodzakelijk is om redenen van veiligheid of wegens een individuele werkplekanalyse, verricht of getoetst door een deskundige persoon als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de Arbeidsomstandighedenwet. Artikel 14, tweede lid, onderdelen b en c, van de Arbeidsomstandighedenwetis in het tweede geval van overeenkomstige toepassing.
2. De prijs per kilometer van de dienstauto bedraagt niet meer dan € 0,82 exclusief BTW, berekend op de grondslag van een gebruiksduur van twee jaar en 60.000 gereden kilometers per jaar.
3. Het bedrag, genoemd in het tweede lid, wordt per 1 januari van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd overeenkomstig de procentuele wijziging van het prijsindexcijfer jaargemiddelde operationele autolease inclusief brandstof, zoals door het Centraal Bureau voor de Statistiek gepubliceerd, over het tweede kalenderjaar voorafgaand aan genoemde datum ten opzichte van hetzelfde indexcijfer over het jaar daaraan voorafgaand.
4. De prijs per kilometer wordt berekend aan de hand van de formule
(((n / (l/12)) + o + f + g + h + p) / m) + i
waarin:
n = (((a-c)/1,19) + (b/1,19) + c) – (d/1,19)
afschrijving over looptijd (inclusief BPM en exclusief BTW);
o = ((d/1,19) x e) + ((n/2) x e)
rente per jaar;
p = ((k/1,19) x (m/100) x j)
brandstofkosten per jaar;
en:
a = consumentenprijs inclusief accessoires af fabriek (inclusief BPM en BTW);
b = consumentenprijs van accessoires achteraf en/of door derden (inclusief BTW);
c = totale BPM;
d = totale marktconforme restwaarde inclusief BTW en BPM;
e = rentetarief in procenten;
f = administratiekosten inclusief management fee per jaar doch exclusief BTW (of interne kosten ingeval niet wordt uitbesteed);
g = houderschapsbelasting per jaar;
h = het in het kader van het omslagstelsel door het Bureau Schade Afwikkeling vastgestelde bedrag;
i = ROB exclusief BTW;
j = brandstofverbruik in liters per 100 kilometer;
k = tarief bij brandstofsoort inclusief BTW;
l = looptijd in maanden;
m = jaarkilometrage.
5. De dienstauto wordt slechts in gebruik genomen nadat is vastgesteld dat aan de voorschriften van het tweede tot en met vierde lid is voldaan, tenzij afwijking van deze voorschriften noodzakelijk is om redenen van veiligheid of wegens een individuele werkplekanalyse, verricht of getoetst door een deskundige persoon als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de Arbeidsomstandighedenwet. Artikel 14, tweede lid, onderdelen b en c, van de Arbeidsomstandighedenwetis in het tweede geval van overeenkomstige toepassing.