BWBR0013595
Geldig vanaf 2002-04-18
Artikel 9
Regeling Structuurverbetering Glastuinbouw 2002
1. De subsidie voor investeringen als bedoeld in artikel 2, onderdeel c, bedraagt € 45.000,- per hectare nieuw gerealiseerde glasopstand, doch niet meer dan 40% van het totale bedrag dat met de investering is gemoeid.
2. In aanmerking voor subsidie komen slechts investeringen in nieuwe glasopstanden ter vervanging van oude glasopstanden voorzover deze:
worden gerealiseerd op glastuinbouwkavels waarvan de grenzen zijn of worden gewijzigd ten opzichte van de voor de aanvang van de reconstructie bestaande situatie,
worden uitgevoerd overeenkomstig een clusterplan dat voldoet aan de in artikel 7, vijfde lid, gestelde eisen of een verbeteringsplan.
3. De subsidie wordt slechts verleend indien de nieuw te realiseren glasopstanden over een voor- en achtergevel beschikken van ten minste 80 meter breed.
4. Geen subsidie voor investeringen als bedoeld in artikel 2, onderdeel c, wordt verstrekt indien de investeringen worden aangewend voor nieuwe glasopstanden bedoeld voor de teelt van producten waarvoor op de markt geen normale afzetmogelijkheden kunnen worden gevonden.
5. De investering mag er niet toe leiden dat het tot een glastuinbouwbedrijf behorende totale aantal hectare glasopstanden toeneemt, ten opzichte van de glasopstanden die op enig tijdstip in de drie jaar voorafgaand aan het tijdstip van indienen van de aanvraag tot subsidieverlening op de tot het glastuinbouwbedrijf behorende kavels aanwezig zijn geweest.
6. In afwijking van het vijfde lid, mag een investering wel leiden tot een vergroting van het totale aantal hectare glasopstanden op een individueel glastuinbouwbedrijf, mits de investering geschiedt overeenkomstig een clusterplan en het totale aantal hectare glasopstanden van de kavels waarop het clusterplan betrekking heeft niet toeneemt ten opzichte van de glasopstanden die op enig tijdstip in de in artikel 7, vierde lid, bedoelde periode of in de drie jaar voorafgaand aan het tijdstip van indienen van de aanvraag tot subsidieverlening op de betrokken kavels aanwezig zijn geweest.
2. In aanmerking voor subsidie komen slechts investeringen in nieuwe glasopstanden ter vervanging van oude glasopstanden voorzover deze:
worden gerealiseerd op glastuinbouwkavels waarvan de grenzen zijn of worden gewijzigd ten opzichte van de voor de aanvang van de reconstructie bestaande situatie,
worden uitgevoerd overeenkomstig een clusterplan dat voldoet aan de in artikel 7, vijfde lid, gestelde eisen of een verbeteringsplan.
3. De subsidie wordt slechts verleend indien de nieuw te realiseren glasopstanden over een voor- en achtergevel beschikken van ten minste 80 meter breed.
4. Geen subsidie voor investeringen als bedoeld in artikel 2, onderdeel c, wordt verstrekt indien de investeringen worden aangewend voor nieuwe glasopstanden bedoeld voor de teelt van producten waarvoor op de markt geen normale afzetmogelijkheden kunnen worden gevonden.
5. De investering mag er niet toe leiden dat het tot een glastuinbouwbedrijf behorende totale aantal hectare glasopstanden toeneemt, ten opzichte van de glasopstanden die op enig tijdstip in de drie jaar voorafgaand aan het tijdstip van indienen van de aanvraag tot subsidieverlening op de tot het glastuinbouwbedrijf behorende kavels aanwezig zijn geweest.
6. In afwijking van het vijfde lid, mag een investering wel leiden tot een vergroting van het totale aantal hectare glasopstanden op een individueel glastuinbouwbedrijf, mits de investering geschiedt overeenkomstig een clusterplan en het totale aantal hectare glasopstanden van de kavels waarop het clusterplan betrekking heeft niet toeneemt ten opzichte van de glasopstanden die op enig tijdstip in de in artikel 7, vierde lid, bedoelde periode of in de drie jaar voorafgaand aan het tijdstip van indienen van de aanvraag tot subsidieverlening op de betrokken kavels aanwezig zijn geweest.