BWBR0013595
Geldig vanaf 2002-04-18
Artikel 10
Regeling Structuurverbetering Glastuinbouw 2002
1. De aanvraag tot subsidieverlening wordt op een daartoe vastgesteld formulier ingediend bij LASER.
2. In geval van een aanvraag voor een subsidie bedoeld in artikel 2, onderdeel a, worden documenten overgelegd waaruit blijkt dat wordt voldaan aan de in artikel 5, eerste lid, onder b, gestelde voorwaarde.
3. In geval van een aanvraag voor een subsidie bedoeld in artikel 2, onderdeel b, gaat deze vergezeld van:
een projectvoorstel waarin wordt beschreven hoe de huidige situatie in het betrokken glastuinbouwgebied is en hoe de te realiseren situatie wordt gezien;
een verklaring waarin wordt aangegeven op welke wijze de totstandkoming van het clusterplan zal plaatsvinden.
De aanvraag wordt ingediend door alle aan het samenwerkingsverband deelnemende glastuinbouwbedrijven gezamenlijk.
4. In geval van een aanvraag voor een subsidie bedoeld in artikel 2, onderdeel c, gaat deze vergezeld van:
een verklaring van de aanvrager of aanvragers dat vóór het verrichten van de beoogde investeringen wordt voldaan aan de wettelijke voorschriften bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel b;
een gespecificeerde begroting van de beoogde investeringen en een opgave van de financieringswijze van het plan;
in voorkomend geval, een verklaring van een financierende derde waaruit blijkt dat deze de voorgenomen investeringen geheel of voor een substantieel deel zal financieren;
een cluster- of verbeteringsplan, bestaande uit een beschrijving van de beoogde structuurverbetering van de betrokken glastuinbouwkavels na voltooiing van het plan;
indien artikel 9, zesde lid, van toepassing is, een overeenkomst waarin de aan het clusterplan deelnemende bedrijven zich verbinden tot een zodanige uitvoering van het clusterplan dat het totale aantal hectare glasopstanden van de aan het clusterplan deelnemende bedrijven niet toeneemt.
5. Indien geen verklaring als bedoeld in het vierde lid, derde gedachtestreepje, wordt overgelegd, wordt bij de aanvraag tot subsidieverlening overgelegd:
a. een exploitatiebegroting over het boekjaar volgend op het jaar waarin de subsidieaanvraag plaatsvindt waaruit kan worden afgeleid dat het eigen vermogen van het glastuinbouwbedrijf nadat de investering waarvoor de aanvraag tot subsidieverlening wordt ingediend heeft plaatsgevonden, niet minder dan 15 procent van het totale vermogen uitmaakt,
b. een meerjarenbegroting over een periode van 5 jaar volgend op het jaar waarin de subsidieaanvraag plaatsvindt, en
c. financiële gegevens waaruit blijkt dat de subsidieaanvrager of -aanvragers gedurende de drie jaar voorafgaand aan de subsidieaanvraag niet meer dan gedurende één jaar verlies heeft of hebben geleden.
2. In geval van een aanvraag voor een subsidie bedoeld in artikel 2, onderdeel a, worden documenten overgelegd waaruit blijkt dat wordt voldaan aan de in artikel 5, eerste lid, onder b, gestelde voorwaarde.
3. In geval van een aanvraag voor een subsidie bedoeld in artikel 2, onderdeel b, gaat deze vergezeld van:
een projectvoorstel waarin wordt beschreven hoe de huidige situatie in het betrokken glastuinbouwgebied is en hoe de te realiseren situatie wordt gezien;
een verklaring waarin wordt aangegeven op welke wijze de totstandkoming van het clusterplan zal plaatsvinden.
De aanvraag wordt ingediend door alle aan het samenwerkingsverband deelnemende glastuinbouwbedrijven gezamenlijk.
4. In geval van een aanvraag voor een subsidie bedoeld in artikel 2, onderdeel c, gaat deze vergezeld van:
een verklaring van de aanvrager of aanvragers dat vóór het verrichten van de beoogde investeringen wordt voldaan aan de wettelijke voorschriften bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel b;
een gespecificeerde begroting van de beoogde investeringen en een opgave van de financieringswijze van het plan;
in voorkomend geval, een verklaring van een financierende derde waaruit blijkt dat deze de voorgenomen investeringen geheel of voor een substantieel deel zal financieren;
een cluster- of verbeteringsplan, bestaande uit een beschrijving van de beoogde structuurverbetering van de betrokken glastuinbouwkavels na voltooiing van het plan;
indien artikel 9, zesde lid, van toepassing is, een overeenkomst waarin de aan het clusterplan deelnemende bedrijven zich verbinden tot een zodanige uitvoering van het clusterplan dat het totale aantal hectare glasopstanden van de aan het clusterplan deelnemende bedrijven niet toeneemt.
5. Indien geen verklaring als bedoeld in het vierde lid, derde gedachtestreepje, wordt overgelegd, wordt bij de aanvraag tot subsidieverlening overgelegd:
a. een exploitatiebegroting over het boekjaar volgend op het jaar waarin de subsidieaanvraag plaatsvindt waaruit kan worden afgeleid dat het eigen vermogen van het glastuinbouwbedrijf nadat de investering waarvoor de aanvraag tot subsidieverlening wordt ingediend heeft plaatsgevonden, niet minder dan 15 procent van het totale vermogen uitmaakt,
b. een meerjarenbegroting over een periode van 5 jaar volgend op het jaar waarin de subsidieaanvraag plaatsvindt, en
c. financiële gegevens waaruit blijkt dat de subsidieaanvrager of -aanvragers gedurende de drie jaar voorafgaand aan de subsidieaanvraag niet meer dan gedurende één jaar verlies heeft of hebben geleden.