BWBR0013241
Geldig vanaf 2001-12-23
Artikel 10
Vrijstellingsregeling mestafzet tuincentra en tuinbouwbedrijven Meststoffenwet
1. De mestverwerker of de producent voert de in de overeenkomsten, bedoeld in artikel 6, tweede lid, overeengekomen hoeveelheid tuinbouwbemestingsproducten daadwerkelijk af naar de in dat artikellid bedoelde bedrijven, voor zover deze hoeveelheid is geproduceerd.
2. Tuinbouwbemestingsproducten die worden afgevoerd naar bedrijven waar niet-grondgebonden tuinbouw wordt uitgeoefend, zijn verpompbaar.
3. De mestverwerker of de producent draagt er zorg voor dat op het bedrijf waarnaar tuinbouwbesmestingsproducten worden afgevoerd een hoeveelheid dierlijke meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen stikstof per kalenderjaar per hectare van de gemiddelde oppervlakte van het gebouw of de gebouwen die in het desbetreffende kalenderjaar bij het bedrijf daadwerkelijk in gebruik is voor grondgebonden of niet-grondgebonden tuinbouw, wordt gebruikt, die niet groter is dan 170 onderscheidenlijk 800.
4. De mestverwerker of de producent draagt er zorg voor dat op het bedrijf waarnaar tuinbouwbemestingsproducten worden afgevoerd, een inzichtelijke administratie wordt bijgehouden, waaruit de gemiddelde oppervlakte van het gebouw of de gebouwen die in het betreffende kalenderjaar bij het bedrijf voor grondgebonden en niet-grondgebonden tuinbouw daadwerkelijk in gebruik is, alsmede de totaal in het kalenderjaar aangevoerde hoeveelheid fosfaat en stikstof in meststoffen die voor nietgrondgebonden en grondgebonden tuinbouw zijn gebruikt, blijkt.
2. Tuinbouwbemestingsproducten die worden afgevoerd naar bedrijven waar niet-grondgebonden tuinbouw wordt uitgeoefend, zijn verpompbaar.
3. De mestverwerker of de producent draagt er zorg voor dat op het bedrijf waarnaar tuinbouwbesmestingsproducten worden afgevoerd een hoeveelheid dierlijke meststoffen, uitgedrukt in kilogrammen stikstof per kalenderjaar per hectare van de gemiddelde oppervlakte van het gebouw of de gebouwen die in het desbetreffende kalenderjaar bij het bedrijf daadwerkelijk in gebruik is voor grondgebonden of niet-grondgebonden tuinbouw, wordt gebruikt, die niet groter is dan 170 onderscheidenlijk 800.
4. De mestverwerker of de producent draagt er zorg voor dat op het bedrijf waarnaar tuinbouwbemestingsproducten worden afgevoerd, een inzichtelijke administratie wordt bijgehouden, waaruit de gemiddelde oppervlakte van het gebouw of de gebouwen die in het betreffende kalenderjaar bij het bedrijf voor grondgebonden en niet-grondgebonden tuinbouw daadwerkelijk in gebruik is, alsmede de totaal in het kalenderjaar aangevoerde hoeveelheid fosfaat en stikstof in meststoffen die voor nietgrondgebonden en grondgebonden tuinbouw zijn gebruikt, blijkt.