Artikel 1
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. cacaoboter: het vet verkregen uit cacaobonen of delen van cacaobonen;
b. cacaopoeder of cacao: de waar die wordt verkregen door gereinigde, gedopte en geroosterde cacaobonen tot poeder te verwerken;
c. chocoladepoeder, huishoudchocoladepoeder, gesuikerde huishoudcacao of gesuikerd huishoudcacaopoeder: de waar die bestaat uit een mengsel van cacaopoeder en suiker;
d. chocolade: de waar die wordt verkregen uit cacaoproducten en suikers;
e. melkchocolade of huishoudmelkchocolade: de waar die wordt verkregen uit cacaoproducten, suikers en melk of melkproducten;
f. witte chocolade: de waar die wordt verkregen uit cacaoboter, melk of melkproducten, en suikers;
g. «chocolate a la taza» of «chocolate familiar a la taza»: de waar die wordt verkregen uit cacaoproducten, suikers, en tarwe-, rijst- of maïsmeel, of -zetmeel;
h. gianduja: de waar die wordt verkregen uit chocolade en fijngemaakte hazelnoten;
i. P: palmitinezuur;
j. O: oliezuur;
k. St: stearinezuur;
l. droge melkbestanddelen: droge melkbestanddelen verkregen door gehele of gedeeltelijke dehydratie van volle, halfvolle of magere melk, room, geheel of gedeeltelijk gedehydrateerde room, boter of melkvet;
m. suikers: suikers, bedoeld in het Warenwetbesluit suikers, en andere suikers;
n. verordening (EG) 1334/2008: verordening (EG) nr. 1334/2008 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 16 december 2008 (PbEU L 354) inzake aroma’s en bepaalde voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen voor gebruik in levensmiddelen en tot wijziging van verordening (EG) nr. 1601/91 van de Raad, verordening nr. (EG)2232/96, verordening (EG) nr. 110/2008 en richtlijn 2000/13/EG.
a. cacaoboter: het vet verkregen uit cacaobonen of delen van cacaobonen;
b. cacaopoeder of cacao: de waar die wordt verkregen door gereinigde, gedopte en geroosterde cacaobonen tot poeder te verwerken;
c. chocoladepoeder, huishoudchocoladepoeder, gesuikerde huishoudcacao of gesuikerd huishoudcacaopoeder: de waar die bestaat uit een mengsel van cacaopoeder en suiker;
d. chocolade: de waar die wordt verkregen uit cacaoproducten en suikers;
e. melkchocolade of huishoudmelkchocolade: de waar die wordt verkregen uit cacaoproducten, suikers en melk of melkproducten;
f. witte chocolade: de waar die wordt verkregen uit cacaoboter, melk of melkproducten, en suikers;
g. «chocolate a la taza» of «chocolate familiar a la taza»: de waar die wordt verkregen uit cacaoproducten, suikers, en tarwe-, rijst- of maïsmeel, of -zetmeel;
h. gianduja: de waar die wordt verkregen uit chocolade en fijngemaakte hazelnoten;
i. P: palmitinezuur;
j. O: oliezuur;
k. St: stearinezuur;
l. droge melkbestanddelen: droge melkbestanddelen verkregen door gehele of gedeeltelijke dehydratie van volle, halfvolle of magere melk, room, geheel of gedeeltelijk gedehydrateerde room, boter of melkvet;
m. suikers: suikers, bedoeld in het Warenwetbesluit suikers, en andere suikers;
n. verordening (EG) 1334/2008: verordening (EG) nr. 1334/2008 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 16 december 2008 (PbEU L 354) inzake aroma’s en bepaalde voedselingrediënten met aromatiserende eigenschappen voor gebruik in levensmiddelen en tot wijziging van verordening (EG) nr. 1601/91 van de Raad, verordening nr. (EG)2232/96, verordening (EG) nr. 110/2008 en richtlijn 2000/13/EG.