1. Ten behoeve van de uitvoering van artikel 2, onder a, wijzen gedeputeerde staten van de provincies bij besluit gebieden aan:
a. die zijn gelegen binnen de gebieden zoals van rijkswege aangegeven in de bestuursovereenkomst;
b. die uit het oogpunt van de beleidsterreinen landbouw, natuur, bos, landschap, openluchtrecreatie, cultuurhistorie, water en milieu waardevol en kwetsbaar zijn; en
c. waarin sprake is van een samenhangende en meervoudige problematiek met betrekking tot deze beleidsterreinen waarvoor gezocht wordt naar een integrale oplossing, met inachtneming van het rijksbeleid terzake.
2. In de reconstructiegebieden als bedoeld in
artikel 1 van de Reconstructiewet concentratiegebiedenworden geen gebieden aangewezen als bedoeld in het eerste lid.
3. De aanwijzing, bedoeld in het eerste lid, behoeft de instemming van de ministers.