BWBR0012809
Geldig vanaf 2006-07-05
Artikel 34
Paspoortuitvoeringsregeling Caribische landen
1. Ter uitvoering van artikel 2.1, eerste lid, van het besluitwordt voor de vaststelling van de identiteit geen gebruik gemaakt van de in de reisdocumentenadministratie opgenomen gegevens behorende bij een eerder aan betrokkene uitgereikte nooddocument.
2. Indien de in artikel 2.1, eerste lid, van het besluitbedoelde gegevens berusten bij een andere autoriteit, dan wordt deze verzocht om kosteloze verstrekking van een afschrift van de gevraagde gegevens uit de reisdocumentenadministratie. In de aanvraag wordt vermeld bij welke autoriteit de gegevens zijn opgevraagd.
3. Bij een gericht onderzoek als bedoeld in artikel 2.1, tweede lid, van het besluitworden tevens nadere identificerende vragen gesteld.
4. De aanvrager aan wie niet eerder een Nederlands reisdocument is verstrekt, overlegt bij zijn aanvraag andere identiteitsdocumenten die voorzien zijn van zijn foto en handtekening. Indien hij dergelijke documenten niet kan overleggen, is artikel 2.1, tweede lid, van het besluitvan overeenkomstige toepassing.
5. In de aanvraag wordt vermeld dat de identiteit van de aanvrager is vastgesteld en met welke documenten of andere bewijsstukken de identiteitsvaststelling heeft plaatsgevonden.
2. Indien de in artikel 2.1, eerste lid, van het besluitbedoelde gegevens berusten bij een andere autoriteit, dan wordt deze verzocht om kosteloze verstrekking van een afschrift van de gevraagde gegevens uit de reisdocumentenadministratie. In de aanvraag wordt vermeld bij welke autoriteit de gegevens zijn opgevraagd.
3. Bij een gericht onderzoek als bedoeld in artikel 2.1, tweede lid, van het besluitworden tevens nadere identificerende vragen gesteld.
4. De aanvrager aan wie niet eerder een Nederlands reisdocument is verstrekt, overlegt bij zijn aanvraag andere identiteitsdocumenten die voorzien zijn van zijn foto en handtekening. Indien hij dergelijke documenten niet kan overleggen, is artikel 2.1, tweede lid, van het besluitvan overeenkomstige toepassing.
5. In de aanvraag wordt vermeld dat de identiteit van de aanvrager is vastgesteld en met welke documenten of andere bewijsstukken de identiteitsvaststelling heeft plaatsgevonden.