BWBR0012741
Geldig vanaf 2001-09-01
Artikel 11
Regeling plaatsing en overplaatsing jeugdigen
1. Indien overbrenging naar een psychiatrisch ziekenhuis, bedoeld in artikel 12, achtste lid, van de wet, geïndiceerd is, dient de directeur van de inrichting waar de jeugdige verblijft, na overleg met een psychiater, een daartoe strekkend advies in bij de selectiefunctionaris.
2. Het advies van de directeur gaat vergezeld van:
a. een schriftelijk advies van het psycho-medisch overleg dan wel een schriftelijk advies van een gedragsdeskundige betreffende de psychiatrische dan wel psychische problematiek van de jeugdige en de wenselijkheid van opname,
b. een recent perspectiefplan,
c. een inschatting van het risico van onttrekking aan het toezicht door de jeugdige bij een eventuele opname,
d. een instemming van het openbaar ministerie indien het een voorlopige gehechte jeugdige betreft.
3. De selectiefunctionaris beslist op grond van de beschikbare informatie, genoemd in het tweede lid, over de overbrenging naar een psychiatrisch ziekenhuis.
4. De jeugdige blijft gedurende het verblijf in het psychiatrisch ziekenhuis administratief ingeschreven in de inrichting van herkomst.
5. De inrichting waar de jeugdige administratief is ingeschreven, volgt gedurende het verblijf in het psychiatrisch ziekenhuis het behandelingsverloop en treedt als aanspreekpunt op bij bijzonderheden en incidenten.
6. De jeugdige kan in het kader van de behandeling, met instemming van de selectiefunctionaris, een dagbehandeling volgen. De directeur van de inrichting waar de jeugdige administratief is ingeschreven, pleegt hieromtrent overleg met de selectiefunctionaris. Het tweede lid, onder d, is van overeenkomstige toepassing. Voorwaarde voor plaatsing is dat voorzien is in de noodzakelijke kosten van bestaan.
2. Het advies van de directeur gaat vergezeld van:
a. een schriftelijk advies van het psycho-medisch overleg dan wel een schriftelijk advies van een gedragsdeskundige betreffende de psychiatrische dan wel psychische problematiek van de jeugdige en de wenselijkheid van opname,
b. een recent perspectiefplan,
c. een inschatting van het risico van onttrekking aan het toezicht door de jeugdige bij een eventuele opname,
d. een instemming van het openbaar ministerie indien het een voorlopige gehechte jeugdige betreft.
3. De selectiefunctionaris beslist op grond van de beschikbare informatie, genoemd in het tweede lid, over de overbrenging naar een psychiatrisch ziekenhuis.
4. De jeugdige blijft gedurende het verblijf in het psychiatrisch ziekenhuis administratief ingeschreven in de inrichting van herkomst.
5. De inrichting waar de jeugdige administratief is ingeschreven, volgt gedurende het verblijf in het psychiatrisch ziekenhuis het behandelingsverloop en treedt als aanspreekpunt op bij bijzonderheden en incidenten.
6. De jeugdige kan in het kader van de behandeling, met instemming van de selectiefunctionaris, een dagbehandeling volgen. De directeur van de inrichting waar de jeugdige administratief is ingeschreven, pleegt hieromtrent overleg met de selectiefunctionaris. Het tweede lid, onder d, is van overeenkomstige toepassing. Voorwaarde voor plaatsing is dat voorzien is in de noodzakelijke kosten van bestaan.