BWBR0012558
Geldig vanaf 30-06-2001
Artikel 9
Verordening invoer bevroren rundvlees voor verwerking 2001
1. De productie van genoemde A- of B-producten, waarvan de recepturen volgens artikel 6 of 7 zijn verstrekt, kan eerst aangevangen worden, nadat het productschap daartoe schriftelijk toestemming heeft verleend. De schriftelijke toestemming bevat een datum waarop met de feitelijke productie mag worden aangevangen.
2. Alvorens toestemming te verlenen, wordt door de daartoe door de voorzitter gemachtigde functionarissen van het productschap bij de betrokken aanvrager een onderzoek verricht,
a. naar de technische mogelijkheden om de grondstoffen tot een in de receptuur omschreven eindproduct te verwerken;
b. om te beoordelen of de administratie van de aanvrager op een zodanige wijze is ingericht dat te allen tijde de aankoop en de verkoop van de grondstoffen, de verkoop en de aflevering van de eindproducten op eenvoudige wijze is na te gaan.
2. Alvorens toestemming te verlenen, wordt door de daartoe door de voorzitter gemachtigde functionarissen van het productschap bij de betrokken aanvrager een onderzoek verricht,
a. naar de technische mogelijkheden om de grondstoffen tot een in de receptuur omschreven eindproduct te verwerken;
b. om te beoordelen of de administratie van de aanvrager op een zodanige wijze is ingericht dat te allen tijde de aankoop en de verkoop van de grondstoffen, de verkoop en de aflevering van de eindproducten op eenvoudige wijze is na te gaan.
- Citeren als
- Art. 9
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0012558
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl