BWBR0012078
Geldig vanaf 2001-01-01
Artikel 4
Regeling gemoedsbezwaarden Bpf 2000
1. Indien de verklaring naar de mening van het bedrijfstakpensioenfonds overeenkomstig de waarheid is, verleent deze de vrijstelling.
2. Aan de vrijstelling kunnen voorwaarden worden verbonden die noodzakelijk zijn in verband met de administratie van het bedrijfstakpensioenfonds.
3. Aan een werkgever die heeft verklaard geen gemoedsbezwaren te hebben tegen de nakoming van de hem als werkgever opgelegde verplichtingen, kan op die grond een vrijstelling van de hem anders dan in zijn hoedanigheid van werkgever opgelegde verplichtingen niet worden geweigerd.
2. Aan de vrijstelling kunnen voorwaarden worden verbonden die noodzakelijk zijn in verband met de administratie van het bedrijfstakpensioenfonds.
3. Aan een werkgever die heeft verklaard geen gemoedsbezwaren te hebben tegen de nakoming van de hem als werkgever opgelegde verplichtingen, kan op die grond een vrijstelling van de hem anders dan in zijn hoedanigheid van werkgever opgelegde verplichtingen niet worden geweigerd.