BWBR0011789
Geldig vanaf 2000-12-01
Artikel 13
Invoeringswet Wet stedelijke vernieuwing
Voorzover door Onze Minister toezeggingen zijn gedaan of afspraken zijn gemaakt, als bedoeld in artikel 19, eerste lid, met betrekking tot het verstrekken van financiële middelen of subsidie ingevolge de <a href="/wet/BWBR0003709" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet op de stads- en dorpsvernieuwing</a>aan een gemeente aan welke ingevolge die wet rechtstreeks door Onze Minister financiële middelen werden verleend en aan welke ingevolge de <a href="/wet/BWBR0011788" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">Wet stedelijke vernieuwing</a>door de provincie investeringsbudget wordt verleend, gaan de uit die toezeggingen of afspraken voortvloeiende verplichtingen tot het verstrekken van financiële middelen aan die gemeente van Onze Minister over op de provincie. Onze Minister stelt de provincie daartoe op voet van <a href="/wet/BWBR0011788/artikel/5" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 5, derde lid, van de Wet stedelijke vernieuwing</a>financiële middelen beschikbaar.