BWBR0011721
Geldig vanaf 2000-11-01
Artikel 2
Subsidieregeling openbare inland terminals
1. Op aanvraag van een overslagbedrijf kan de Minister ter bevordering van het gebruik van intermodaal en multimodaal vervoer subsidie verlenen ten behoeve van initiële of uitbreidingsinvesteringen van een overslagterminal. De subsidie kan worden verleend voor zowel investeringen in infrastructuur als in vaste en mobiele uitrusting die nodig is voor de overslag van goederen.
2. De subsidie wordt slechts verleend indien:
a. het overslagbedrijf een onderneming is die primair gericht is op het maken van winst;
b. is aangetoond dat de continuïteit van het overslagbedrijf voldoende is gewaarborgd, en
c. de met de overslagterminal gemoeide totale projectkosten, bedoeld in artikel 3, voor ten minste 50% door private rechtspersonen risicodragend worden gefinancierd.
3. De subsidie wordt slechts verleend indien de overslagterminal waarop het project betrekking heeft:
a. niet gelegen is in het beheersgebied van een zeehaven;
b. niet gelegen is binnen het samenwerkingsgebied Arnhem-Nijmegen, bedoeld in artikel 1 van de Kaderwet bestuur in verandering;
c. bestemd is en gebruikt wordt voor de overslag van goederen van andere partijen dan het overslagbedrijf of, indien dit een andere onderneming is, de exploitant van de overslagterminal;
d. voldoende capaciteit heeft om de overslagvolumes die voor de eerste vijf jaren zijn geraamd, te kunnen verwerken zonder dat aanvullende investeringen nodig zijn;
e. in een periode van een jaar na de ingebruikneming van (de uitbreiding van) de terminal uitsluitend nieuw intermodaal of multimodaal vervoer aantrekt;
f. binnen vijf jaar kostendekkend geëxploiteerd kan worden;
g. voldoende ontsloten is voor aanvoer en afvoer van goederen;
h. goederen overslaat waarvoor geldt dat het overgrote deel van het totale transport van deze goederen niet over de weg gaat, en
i. zodanig gelegen is dat er in de onmiddellijke nabijheid voldoende mogelijkheden voor capaciteitsuitbreiding aanwezig zijn voor de geraamde overslagactiviteiten en de daarmee samenhangende bedrijfsactiviteiten.
4. De subsidie wordt voorts slechts verleend indien:
a. in een periode van vijf jaar na de ingebruikneming van de (uitbreiding van de) terminal niet met behulp van de subsidie enige prijsconcurrentie met andere terminals wordt bedreven;
b. op het tijdstip waarop de aanvraag is ontvangen de uitvoering van het project niet reeds geheel of gedeeltelijk is gestart of gestaakt dan wel reeds is voltooid, en
c. naar verwachting binnen drie maanden na de datum van de subsidieverlening uitvoeringsgereed zal zijn in die zin dat de financiering van het project is verzekerd.
2. De subsidie wordt slechts verleend indien:
a. het overslagbedrijf een onderneming is die primair gericht is op het maken van winst;
b. is aangetoond dat de continuïteit van het overslagbedrijf voldoende is gewaarborgd, en
c. de met de overslagterminal gemoeide totale projectkosten, bedoeld in artikel 3, voor ten minste 50% door private rechtspersonen risicodragend worden gefinancierd.
3. De subsidie wordt slechts verleend indien de overslagterminal waarop het project betrekking heeft:
a. niet gelegen is in het beheersgebied van een zeehaven;
b. niet gelegen is binnen het samenwerkingsgebied Arnhem-Nijmegen, bedoeld in artikel 1 van de Kaderwet bestuur in verandering;
c. bestemd is en gebruikt wordt voor de overslag van goederen van andere partijen dan het overslagbedrijf of, indien dit een andere onderneming is, de exploitant van de overslagterminal;
d. voldoende capaciteit heeft om de overslagvolumes die voor de eerste vijf jaren zijn geraamd, te kunnen verwerken zonder dat aanvullende investeringen nodig zijn;
e. in een periode van een jaar na de ingebruikneming van (de uitbreiding van) de terminal uitsluitend nieuw intermodaal of multimodaal vervoer aantrekt;
f. binnen vijf jaar kostendekkend geëxploiteerd kan worden;
g. voldoende ontsloten is voor aanvoer en afvoer van goederen;
h. goederen overslaat waarvoor geldt dat het overgrote deel van het totale transport van deze goederen niet over de weg gaat, en
i. zodanig gelegen is dat er in de onmiddellijke nabijheid voldoende mogelijkheden voor capaciteitsuitbreiding aanwezig zijn voor de geraamde overslagactiviteiten en de daarmee samenhangende bedrijfsactiviteiten.
4. De subsidie wordt voorts slechts verleend indien:
a. in een periode van vijf jaar na de ingebruikneming van de (uitbreiding van de) terminal niet met behulp van de subsidie enige prijsconcurrentie met andere terminals wordt bedreven;
b. op het tijdstip waarop de aanvraag is ontvangen de uitvoering van het project niet reeds geheel of gedeeltelijk is gestart of gestaakt dan wel reeds is voltooid, en
c. naar verwachting binnen drie maanden na de datum van de subsidieverlening uitvoeringsgereed zal zijn in die zin dat de financiering van het project is verzekerd.