BWBR0011484
Geldig vanaf 2000-07-27
Artikel 4
Regeling Historisch Centrum Overijssel
1. Het algemeen bestuur bestaat uit acht leden.
2. De minister wijst vier leden aan.
3. De raad van de gemeente wijst uit zijn midden vier leden aan, waaronder het lid van het college van burgemeester en wethouders, dat belast is met de portefeuille archiefzaken.
4. Het lidmaatschap van de leden, bedoeld in het tweede en derde lid, eindigt op het tijdstip waarop de zittingsperiode van de gemeenteraad afloopt.
5. Een persoon waarvan het lidmaatschap ingevolge het vierde lid is geëindigd, kan opnieuw worden aangewezen.
6. De minister beslist zo spoedig mogelijk over een aanwijzing als bedoeld in het tweede lid.
7. De raad van de gemeente beslist uiterlijk in de tweede vergadering van elke zittingsperiode van de raad over de aanwijzing, bedoeld in het derde lid.
8. Indien tussentijds een zetel van een lid van het algemeen bestuur vacant komt, wijst de raad of de minister zo spoedig mogelijk een nieuw lid aan.
9. Een lid van het algemeen bestuur dat zijn lidmaatschap ter beschikking heeft gesteld, blijft in functie totdat een nieuw lid is aangewezen.
10. Bij het bestaan van één of meer vacatures blijven de resterende bestuursleden bevoegd besluiten te nemen.
2. De minister wijst vier leden aan.
3. De raad van de gemeente wijst uit zijn midden vier leden aan, waaronder het lid van het college van burgemeester en wethouders, dat belast is met de portefeuille archiefzaken.
4. Het lidmaatschap van de leden, bedoeld in het tweede en derde lid, eindigt op het tijdstip waarop de zittingsperiode van de gemeenteraad afloopt.
5. Een persoon waarvan het lidmaatschap ingevolge het vierde lid is geëindigd, kan opnieuw worden aangewezen.
6. De minister beslist zo spoedig mogelijk over een aanwijzing als bedoeld in het tweede lid.
7. De raad van de gemeente beslist uiterlijk in de tweede vergadering van elke zittingsperiode van de raad over de aanwijzing, bedoeld in het derde lid.
8. Indien tussentijds een zetel van een lid van het algemeen bestuur vacant komt, wijst de raad of de minister zo spoedig mogelijk een nieuw lid aan.
9. Een lid van het algemeen bestuur dat zijn lidmaatschap ter beschikking heeft gesteld, blijft in functie totdat een nieuw lid is aangewezen.
10. Bij het bestaan van één of meer vacatures blijven de resterende bestuursleden bevoegd besluiten te nemen.