BWBR0011484
Geldig vanaf 2000-07-27
Artikel 17
Regeling Historisch Centrum Overijssel
1. De voor de uitvoering van deze regeling ter beschikking te stellen middelen worden verschaft door de minister en de gemeente, door het verstrekken van jaarlijkse bijdragen.
2. De jaarlijkse bijdrage van de minister en de gemeente is gebaseerd op de bij deze regeling behorende en door beide partijen ondertekende investerings- en exploitatiebegroting en bedraagt voor de minister f 3.495.775,- inclusief BTW en voor de gemeente f 2.363.325,- inclusief BTW.
3. De in het tweede lid bedoelde bedragen zijn gebaseerd op het loon- en prijspeil per 1 januari 1999 en zullen jaarlijks, voor het eerst per 1 januari 2000, worden aangepast aan de prijsontwikkelingen op basis van het prijsmutatiepercentage voor de netto materiële overheidsconsumptie, zoals jaarlijks opgenomen in het Centraal Economisch Plan en zoals door de gemeente gehanteerd bij de opstelling van haar jaarlijkse begroting.
4. Indien de investeringen en de daaruit voortvloeiende lasten in werkelijkheid minder bedragen dan in de in het tweede lid bedoelde investerings- en exploitatiebegroting is voorzien, wordt de door de minister en de gemeente verschuldigde jaarlijkse bijdrage naar rato verminderd.
5. Indien het toetreden tot deze regeling van andere bestuursorganen of het sluiten van samenwerkingsovereenkomsten met derden, er toe leidt dat een deel van de lasten voortvloeiende uit de investeringen als bedoeld in de in het tweede lid aangegeven investerings- en exploitatiebegroting, door deze bestuursorganen en/of derden worden gedragen, worden de financiële voordelen die daardoor ontstaan op de door de minister en de gemeente verschuldigde jaarlijkse bijdrage naar rato in mindering gebracht.
6. De minister en de gemeente kunnen gezamenlijk de te verstrekken bijdragen wijzigen in relatie tot de aan Historisch Centrum Overijssel te ver-strekken opdracht.
7. Indien de minister of de gemeente een bijzondere opdracht verstrekt, waarvan de kosten niet zijn op te vangen in de begroting wordt daarvoor door de minister of de gemeente in aanvulling op de jaarlijkse bijdrage een speciale tevoren overeengekomen vergoeding betaald.
2. De jaarlijkse bijdrage van de minister en de gemeente is gebaseerd op de bij deze regeling behorende en door beide partijen ondertekende investerings- en exploitatiebegroting en bedraagt voor de minister f 3.495.775,- inclusief BTW en voor de gemeente f 2.363.325,- inclusief BTW.
3. De in het tweede lid bedoelde bedragen zijn gebaseerd op het loon- en prijspeil per 1 januari 1999 en zullen jaarlijks, voor het eerst per 1 januari 2000, worden aangepast aan de prijsontwikkelingen op basis van het prijsmutatiepercentage voor de netto materiële overheidsconsumptie, zoals jaarlijks opgenomen in het Centraal Economisch Plan en zoals door de gemeente gehanteerd bij de opstelling van haar jaarlijkse begroting.
4. Indien de investeringen en de daaruit voortvloeiende lasten in werkelijkheid minder bedragen dan in de in het tweede lid bedoelde investerings- en exploitatiebegroting is voorzien, wordt de door de minister en de gemeente verschuldigde jaarlijkse bijdrage naar rato verminderd.
5. Indien het toetreden tot deze regeling van andere bestuursorganen of het sluiten van samenwerkingsovereenkomsten met derden, er toe leidt dat een deel van de lasten voortvloeiende uit de investeringen als bedoeld in de in het tweede lid aangegeven investerings- en exploitatiebegroting, door deze bestuursorganen en/of derden worden gedragen, worden de financiële voordelen die daardoor ontstaan op de door de minister en de gemeente verschuldigde jaarlijkse bijdrage naar rato in mindering gebracht.
6. De minister en de gemeente kunnen gezamenlijk de te verstrekken bijdragen wijzigen in relatie tot de aan Historisch Centrum Overijssel te ver-strekken opdracht.
7. Indien de minister of de gemeente een bijzondere opdracht verstrekt, waarvan de kosten niet zijn op te vangen in de begroting wordt daarvoor door de minister of de gemeente in aanvulling op de jaarlijkse bijdrage een speciale tevoren overeengekomen vergoeding betaald.