BWBR0011469
Geldig vanaf 2000-07-26
Artikel 2
Interimwet zij-instroom leraren primair en voortgezet onderwijs
1. In afwijking van de <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/3" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 3</a>, <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/32" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">32</a>en <a href="/wet/BWBR0003420/artikel/186" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">186 van de Wet op het primair onderwijs</a>, de <a href="/wet/BWBR0003549/artikel/3" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 3</a>, <a href="/wet/BWBR0003549/artikel/32" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">32</a>en <a href="/wet/BWBR0003549/artikel/171" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">171 van de Wet op de expertisecentra</a>en de <a href="/wet/BWBR0002399/artikel/33" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 33 tot en met 37f van de Wet op het voortgezet onderwijs</a>, kan onderwijs worden gegeven door, en kan het bevoegd gezag van een school tot leraar of directeur benoemen of zonder benoeming tewerkstellen degene die:
a. voldoet aan het bij of krachtens die artikelen bepaalde ten aanzien van het bezit van een verklaring omtrent het gedrag, afgegeven volgens de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens,
b. in het bezit is van een geschiktheidsverklaring, en
c. niet krachtens rechterlijke uitspraak van het geven van onderwijs is uitgesloten.
2. Benoeming of tewerkstelling zonder benoeming ingevolge het eerste lid geschiedt voor een periode van ten hoogste twee aaneengesloten schooljaren. De inspectie van het onderwijs kan op aanvraag van het bevoegd gezag toestaan dat het bevoegd gezag de benoemingsperiode of tewerkstellingsperiode met ten hoogste de helft verlengt indien bijzondere omstandigheden daartoe naar zijn oordeel aanleiding geven. Het bevoegd gezag dat betrokkene voor de eerste maal na afgifte van de geschiktheidsverklaring benoemt, tekent het feit en de datum van benoeming aan op die verklaring.
a. voldoet aan het bij of krachtens die artikelen bepaalde ten aanzien van het bezit van een verklaring omtrent het gedrag, afgegeven volgens de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens,
b. in het bezit is van een geschiktheidsverklaring, en
c. niet krachtens rechterlijke uitspraak van het geven van onderwijs is uitgesloten.
2. Benoeming of tewerkstelling zonder benoeming ingevolge het eerste lid geschiedt voor een periode van ten hoogste twee aaneengesloten schooljaren. De inspectie van het onderwijs kan op aanvraag van het bevoegd gezag toestaan dat het bevoegd gezag de benoemingsperiode of tewerkstellingsperiode met ten hoogste de helft verlengt indien bijzondere omstandigheden daartoe naar zijn oordeel aanleiding geven. Het bevoegd gezag dat betrokkene voor de eerste maal na afgifte van de geschiktheidsverklaring benoemt, tekent het feit en de datum van benoeming aan op die verklaring.