BWBR0011247
Geldig vanaf 2000-05-19
Artikel 8
Besluit subsidies civiele vliegtuigontwikkeling
Onze Minister beslist in ieder geval afwijzend op een aanvraag:
a. indien de aanvraag niet voldoet aan dit besluit en de daarop berustende bepalingen;
b. indien hij de projectkosten raamt op minder dan een bij regeling van Onze Minister vastgesteld bedrag;
c. indien onvoldoende aannemelijk is, dat het project zonder de subsidie naar verwachting niet of met belangrijke vertraging zou worden uitgevoerd;
d. indien onvoldoende vertrouwen bestaat in de technische en economische haalbaarheid van het project;
e. indien gegronde vrees bestaat dat de betrokkenen het project niet kunnen financieren;
f. indien onvoldoende vertrouwen bestaat dat de betrokkenen de capaciteiten hebben om het project naar behoren uit te voeren;
g. indien van het project onvoldoende positieve gevolgen voor de Nederlandse economie te verwachten zijn.
a. indien de aanvraag niet voldoet aan dit besluit en de daarop berustende bepalingen;
b. indien hij de projectkosten raamt op minder dan een bij regeling van Onze Minister vastgesteld bedrag;
c. indien onvoldoende aannemelijk is, dat het project zonder de subsidie naar verwachting niet of met belangrijke vertraging zou worden uitgevoerd;
d. indien onvoldoende vertrouwen bestaat in de technische en economische haalbaarheid van het project;
e. indien gegronde vrees bestaat dat de betrokkenen het project niet kunnen financieren;
f. indien onvoldoende vertrouwen bestaat dat de betrokkenen de capaciteiten hebben om het project naar behoren uit te voeren;
g. indien van het project onvoldoende positieve gevolgen voor de Nederlandse economie te verwachten zijn.