BWBR0011247
Geldig vanaf 2000-05-19
Artikel 2
Besluit subsidies civiele vliegtuigontwikkeling
1. Onze minister verstrekt op aanvraag een subsidie aan:
a. een ondernemer die voor eigen rekening en risico of een kennisinstituut dat voor eigen rekening en risico een project uitvoert dat past in de civiele vliegtuigontwikkeling of
b. de deelnemers in een samenwerkingsverband die voor gezamenlijke rekening en risico een project uitvoeren dat past in de civiele vliegtuigontwikkeling, indien het project wordt uitgevoerd in het kader van een bij regeling van Onze Minister aangewezen internationaal programma voor vliegtuigontwikkeling.
2. Indien het project bestaat uit preconcurrentiële ontwikkeling wordt de subsidie in de vorm van een krediet verstrekt.
3. In ieder geval passen projecten die betrekking hebben op de hierna genoemde onderwerpen ten aanzien van vliegtuigen binnen de civiele vliegtuigontwikkeling:
a. structurele vliegtuigcomponenten;
b. ontwikkeling van materialen;
c. mechanische, elektrische of elektronische systemen;
d. software;
e. motorcomponenten;
f. trainings- en simulatiesystemen;
g. verbetering van ontwikkelings-, ontwerp- of productietechnologieën.
4. Indien de aanvragers deelnemers in een samenwerkingsverband zijn wordt de subsidie verstrekt aan de deelnemers gezamenlijk en betaald aan de deelnemer die als indiener van de aanvraag om subsidie in de zin van dit besluit is opgetreden.
5. Geen subsidie wordt verstrekt indien voor het project reeds door Onze Minister subsidie is verstrekt.
a. een ondernemer die voor eigen rekening en risico of een kennisinstituut dat voor eigen rekening en risico een project uitvoert dat past in de civiele vliegtuigontwikkeling of
b. de deelnemers in een samenwerkingsverband die voor gezamenlijke rekening en risico een project uitvoeren dat past in de civiele vliegtuigontwikkeling, indien het project wordt uitgevoerd in het kader van een bij regeling van Onze Minister aangewezen internationaal programma voor vliegtuigontwikkeling.
2. Indien het project bestaat uit preconcurrentiële ontwikkeling wordt de subsidie in de vorm van een krediet verstrekt.
3. In ieder geval passen projecten die betrekking hebben op de hierna genoemde onderwerpen ten aanzien van vliegtuigen binnen de civiele vliegtuigontwikkeling:
a. structurele vliegtuigcomponenten;
b. ontwikkeling van materialen;
c. mechanische, elektrische of elektronische systemen;
d. software;
e. motorcomponenten;
f. trainings- en simulatiesystemen;
g. verbetering van ontwikkelings-, ontwerp- of productietechnologieën.
4. Indien de aanvragers deelnemers in een samenwerkingsverband zijn wordt de subsidie verstrekt aan de deelnemers gezamenlijk en betaald aan de deelnemer die als indiener van de aanvraag om subsidie in de zin van dit besluit is opgetreden.
5. Geen subsidie wordt verstrekt indien voor het project reeds door Onze Minister subsidie is verstrekt.