BWBR0011000
Geldig vanaf 2006-07-07
Artikel 6
Subsidieregeling agrarisch natuurbeheer
1. De minister stelt voor ieder begrotingsjaar een subsidieplafond vast voor de te verstrekken subsidies, bedoeld in de artikelen 2en 2a. Hij kan voor de in die artikelen onderscheiden subsidies, per provincie, alsmede voor het Groene Hart en Waterland, voor door hem op grond van artikel 17abegrensde gebieden, voor de verschillende beheers- of landschapspakketten of voor verschillende categorieën subsidieaanvragers verschillende subsidieplafonds vaststellen.
2. Van de vaststelling van subsidieplafonds geeft de minister kennis in de Staatscourant.
3. De minister verdeelt de beschikbare bedragen, naar de datum van ontvangst van de subsidieaanvragen. Bij gelijktijdige datum van ontvangst van de subsidieaanvragen wordt de volgorde van behandeling bepaald door loting. Als datum van ontvangst wordt aangemerkt de datum waarop de aanvraag volledig is ontvangen.
4. De minister kan voor de verschillende subsidies en voor de verschillende beheers- of landschapspakketten of voor verschillende categorieën subsidieaanvragers verschillende aanvraagperioden instellen.
5. Aanvragen worden alleen voor die subsidies en beheers- of landschapspakketten of categorieën subsidieaanvragers in behandeling genomen, waarvoor een aanvraagperiode als bedoeld in het vierde lid is ingesteld.
6. Voor aanvragen wordt gebruik gemaakt van een daartoe vastgesteld aanvraagformulier.
7. Aanvragen tot subsidieverlening worden beoordeeld aan de hand van beheersgebiedsplannen zoals deze door gedeputeerde staten van een provincie zijn vastgesteld en van kracht zijn uiterlijk 25 dagen voor openstelling van de desbetreffende aanvraagperiode.
2. Van de vaststelling van subsidieplafonds geeft de minister kennis in de Staatscourant.
3. De minister verdeelt de beschikbare bedragen, naar de datum van ontvangst van de subsidieaanvragen. Bij gelijktijdige datum van ontvangst van de subsidieaanvragen wordt de volgorde van behandeling bepaald door loting. Als datum van ontvangst wordt aangemerkt de datum waarop de aanvraag volledig is ontvangen.
4. De minister kan voor de verschillende subsidies en voor de verschillende beheers- of landschapspakketten of voor verschillende categorieën subsidieaanvragers verschillende aanvraagperioden instellen.
5. Aanvragen worden alleen voor die subsidies en beheers- of landschapspakketten of categorieën subsidieaanvragers in behandeling genomen, waarvoor een aanvraagperiode als bedoeld in het vierde lid is ingesteld.
6. Voor aanvragen wordt gebruik gemaakt van een daartoe vastgesteld aanvraagformulier.
7. Aanvragen tot subsidieverlening worden beoordeeld aan de hand van beheersgebiedsplannen zoals deze door gedeputeerde staten van een provincie zijn vastgesteld en van kracht zijn uiterlijk 25 dagen voor openstelling van de desbetreffende aanvraagperiode.