BWBR0010999
Geldig vanaf 2005-10-13
Artikel 6
Subsidieregeling natuurbeheer 2000
1. Subsidie aan anderen dan beheerders kan worden verstrekt indien:
a. die subsidieaanvrager rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid is;
b. die rechtspersoon hoofdzakelijk of mede ten doel heeft haar leden of aangeslotenen te ondersteunen bij een bedrijfsvoering die bevorderlijk is voor natuur en milieu, en
c. de leden of aangeslotenen, bedoeld in onderdeel b, beheerder zijn, voorzover die worden ondersteund.
2. Subsidie aan aanvragers, als bedoeld in het eerste lid, kan voorts slechts worden verstrekt indien bij de subsidieaanvraag door de rechtspersoon wordt overgelegd:
a. een plan waaruit blijkt: i. op welke wijze de subsidie door de rechtspersoon zal worden besteed;
ii. op welke wijze de besteding van de subsidie ter beschikking komt van de in het eerste lid, onderdeel b, bedoelde leden of aangeslotenen;
iii. op welke wijze de nakoming van de subsidieverplichtingen door de rechtspersoon wordt gewaarborgd.
i. op welke wijze de subsidie door de rechtspersoon zal worden besteed;
ii. op welke wijze de besteding van de subsidie ter beschikking komt van de in het eerste lid, onderdeel b, bedoelde leden of aangeslotenen;
iii. op welke wijze de nakoming van de subsidieverplichtingen door de rechtspersoon wordt gewaarborgd.
b. een reglement waaruit blijkt dat de rechtspersoon jegens leden of aangeslotenen de nakoming van verplichtingen uit hoofde van ter beschikking gestelde gelden kan afdwingen onderscheidenlijk niet-nakoming daarvan kan sanctioneren.
3. Om voor subsidie in aanmerking te kunnen komen, behoeven de statuten van de subsidieaanvrager, bedoeld in het eerste lid, alsmede het plan, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, en het reglement, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, de goedkeuring van de minister.
a. die subsidieaanvrager rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid is;
b. die rechtspersoon hoofdzakelijk of mede ten doel heeft haar leden of aangeslotenen te ondersteunen bij een bedrijfsvoering die bevorderlijk is voor natuur en milieu, en
c. de leden of aangeslotenen, bedoeld in onderdeel b, beheerder zijn, voorzover die worden ondersteund.
2. Subsidie aan aanvragers, als bedoeld in het eerste lid, kan voorts slechts worden verstrekt indien bij de subsidieaanvraag door de rechtspersoon wordt overgelegd:
a. een plan waaruit blijkt: i. op welke wijze de subsidie door de rechtspersoon zal worden besteed;
ii. op welke wijze de besteding van de subsidie ter beschikking komt van de in het eerste lid, onderdeel b, bedoelde leden of aangeslotenen;
iii. op welke wijze de nakoming van de subsidieverplichtingen door de rechtspersoon wordt gewaarborgd.
i. op welke wijze de subsidie door de rechtspersoon zal worden besteed;
ii. op welke wijze de besteding van de subsidie ter beschikking komt van de in het eerste lid, onderdeel b, bedoelde leden of aangeslotenen;
iii. op welke wijze de nakoming van de subsidieverplichtingen door de rechtspersoon wordt gewaarborgd.
b. een reglement waaruit blijkt dat de rechtspersoon jegens leden of aangeslotenen de nakoming van verplichtingen uit hoofde van ter beschikking gestelde gelden kan afdwingen onderscheidenlijk niet-nakoming daarvan kan sanctioneren.
3. Om voor subsidie in aanmerking te kunnen komen, behoeven de statuten van de subsidieaanvrager, bedoeld in het eerste lid, alsmede het plan, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, en het reglement, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, de goedkeuring van de minister.