BWBR0010270
Geldig vanaf 1999-03-01
Artikel 9
Regeling geneeskundig onderzoek vaarbewijzen binnenvaart
1. Indien de aanvrager van een klein vaarbewijs in de gevallen, bedoeld in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder a, van het Besluit vaarbewijzen binnenvaart, een eigen verklaring overlegt, maakt hij daartoe gebruik van het formulier dat is opgenomen in bijlage V.
2. Indien de aanvrager van een groot vaarbewijs in de gevallen, bedoeld in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b tot en met e, van het Besluit vaarbewijzen binnenvaart, een eigen verklaring overlegt, maakt hij daartoe gebruik van het formulier dat is opgenomen in bijlage VI.
3. Indien alle vragen van de eigen verklaring met ’nee’ zijn beantwoord, stuurt de aanvrager de ingevulde en ondertekende eigen verklaring in een gesloten enveloppe met daarop vermeld ’medisch beroepsgeheim’ naar:
a. de Koninklijke Nederlandse Toeristenbond ANWB in het geval, bedoeld in het eerste lid, en
b. de Stichting Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen in het geval, bedoeld in het tweede lid.
2. Indien de aanvrager van een groot vaarbewijs in de gevallen, bedoeld in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b tot en met e, van het Besluit vaarbewijzen binnenvaart, een eigen verklaring overlegt, maakt hij daartoe gebruik van het formulier dat is opgenomen in bijlage VI.
3. Indien alle vragen van de eigen verklaring met ’nee’ zijn beantwoord, stuurt de aanvrager de ingevulde en ondertekende eigen verklaring in een gesloten enveloppe met daarop vermeld ’medisch beroepsgeheim’ naar:
a. de Koninklijke Nederlandse Toeristenbond ANWB in het geval, bedoeld in het eerste lid, en
b. de Stichting Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen in het geval, bedoeld in het tweede lid.