BWBR0009932
Geldig vanaf 1998-10-17
Artikel 6
Tijdelijke regeling aanvullende vergoeding knelpunten huisvesting roc's als gevolg van de overdracht van het inservice onderwijs
Bij de aanvraag, bedoeld in artikel 4, toont de instelling schriftelijk aan dat:
a. de bestuursoverdracht, bedoeld in artikel 9.1.3 van de wet, van het instituut waarop het knelpunt betrekking heeft, correct is geschied, blijkens uit een notariële akte van bestuursoverdracht gedateerd uiterlijk 31 juli 1997,
b. het knelpunt rechtstreeks voortvloeit uit de overdracht van het instituut op 1 augustus 1997,
c. het knelpunt niet wordt veroorzaakt door het eigen beleid van de instelling,
d. de uitgave, gelet op de door de instelling als gevolg van de overdracht aangegane verplichtingen, onvermijdelijk is, en
e. de rijksbijdrage voor 1998 berekend op grond van de artikelen 3 tot en met 5 van de overgangsregeling en de aanvullende vergoeding, op grond van artikel 9, van de overgangsregeling niet voldoende is om het knelpunt op te lossen.
a. de bestuursoverdracht, bedoeld in artikel 9.1.3 van de wet, van het instituut waarop het knelpunt betrekking heeft, correct is geschied, blijkens uit een notariële akte van bestuursoverdracht gedateerd uiterlijk 31 juli 1997,
b. het knelpunt rechtstreeks voortvloeit uit de overdracht van het instituut op 1 augustus 1997,
c. het knelpunt niet wordt veroorzaakt door het eigen beleid van de instelling,
d. de uitgave, gelet op de door de instelling als gevolg van de overdracht aangegane verplichtingen, onvermijdelijk is, en
e. de rijksbijdrage voor 1998 berekend op grond van de artikelen 3 tot en met 5 van de overgangsregeling en de aanvullende vergoeding, op grond van artikel 9, van de overgangsregeling niet voldoende is om het knelpunt op te lossen.