BWBR0009640
Geldig vanaf 1999-07-02
Artikel 15b
Flora- en faunawet
1. Onverminderd het bepaalde in de artikelen 15en 72is het, ingeval op grond van Hoofdstuk V, titel III, een afwijking van artikel 9wordt toegepast, verboden om dieren die behoren tot de soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel a, of bijlage V, onderdeel a, van richtlijn 92/43/EEG, te bemachtigen, te vangen of te doden met gebruikmaking van niet-selectieve middelen die de plaatselijke verdwijning of ernstige verstoring van de rust van de populaties van deze soorten tot gevolg kunnen hebben.
2. Tot de middelen, bedoeld in het eerste lid, behoren in in ieder geval:
a. de middelen, bedoeld in bijlage VI, onderdeel a, van richtlijn 92/43/EEG; en
b. elke vorm van vangen en doden, vanuit de vervoersmiddelen, bedoeld in bijlage VI, onderdeel b, van richtlijn 92/43/EEG.
2. Tot de middelen, bedoeld in het eerste lid, behoren in in ieder geval:
a. de middelen, bedoeld in bijlage VI, onderdeel a, van richtlijn 92/43/EEG; en
b. elke vorm van vangen en doden, vanuit de vervoersmiddelen, bedoeld in bijlage VI, onderdeel b, van richtlijn 92/43/EEG.