BWBR0009345
Geldig vanaf 2005-11-19
Artikel 4.1
Uitvoeringsregeling Bouwstoffenbesluit
1. De bepaling van de samenstelling van schone grond bedoeld in artikel 5, tweede lid, van het besluitvindt plaats overeenkomstig bijlage F, hoofdstuk 1. Voorzover daarbij geen gebruik kan worden gemaakt van de in bijlage Aaangegeven normen of van de VPR’s wordt de bepaling van de samenstelling van grond overeenkomstig bijlage Guitgevoerd. De bepaling van de samenstelling van schone grond mag in afwijking van bijlage F, hoofdstuk 1, ook plaatsvinden met behulp van een steekproefopzet en daarbij behorende toetsing zoals beschreven in bijlage Jvan deze regeling.
2. Gevallen als bedoeld in artikel 5, derde lid, onder a, van het besluitzijn:
a. het gebruiken van schone grond in een werk waarbij de totale hoeveelheid niet meer dan 50 m3 bedraagt;
b. het gebruiken van schone grond in een werk dat niet anders omvat dan de bouw van een particuliere woning, danwel van een bedrijfspand van vergelijkbare omvang.
2. Gevallen als bedoeld in artikel 5, derde lid, onder a, van het besluitzijn:
a. het gebruiken van schone grond in een werk waarbij de totale hoeveelheid niet meer dan 50 m3 bedraagt;
b. het gebruiken van schone grond in een werk dat niet anders omvat dan de bouw van een particuliere woning, danwel van een bedrijfspand van vergelijkbare omvang.