BWBR0009240
Geldig vanaf 1997-12-31
Artikel 6
Beschikking instantloterij 1996
1. Het aantal per kalenderjaar te houden instantloterijen en het aantal per instantloterij uit te geven deelnamebewijzen wordt bepaald door de stichting, met dien verstande dat per kalenderjaar in totaal ten hoogste 120 miljoen loten mogen worden uitgegeven.
2. Per instantloterij wordt van de bruto-opbrengst ten minste 47,5% en ten hoogste 65% bestemd voor uitkering van de prijzen.
3. De inleg bedraagt ten hoogste € 5,- per lot. De stichting kan gratis loten uitgeven.
4. De stichting kan instantloten in delen uitgeven. De inleg per deel van een instantlot wordt naar evenredigheid berekend.
5. Elk deel van een instantlot geeft aanspraak op een evenredig deel van de eventueel daarop gewonnen prijs.
2. Per instantloterij wordt van de bruto-opbrengst ten minste 47,5% en ten hoogste 65% bestemd voor uitkering van de prijzen.
3. De inleg bedraagt ten hoogste € 5,- per lot. De stichting kan gratis loten uitgeven.
4. De stichting kan instantloten in delen uitgeven. De inleg per deel van een instantlot wordt naar evenredigheid berekend.
5. Elk deel van een instantlot geeft aanspraak op een evenredig deel van de eventueel daarop gewonnen prijs.