BWBR0009077
Geldig vanaf 2005-07-04
Artikel 6
Regeling hoeveelheidsbepaling dierlijke en overige organische meststoffen
1. De bemonstering van een vracht vloeibare dierlijke meststoffen geschiedt overeenkomstig bijlage 2, onderdeel A.
2. De bemonstering van een vracht vaste dierlijke meststoffen geschiedt overeenkomstig bijlage 2, onderdeel B.
3. Het inzendmonster wordt verpakt, bewaard en verzonden overeenkomstig bijlage 2, onderdeel C.
4. Bij de bemonstering van een vracht dierlijke meststoffen wordt gebruik gemaakt van apparatuur die voldoet aan bijlage 3.
5. Bij de verpakking van een monster vloeibare dierlijke mest wordt gebruik gemaakt van apparatuur die voldoet aan bijlage 5.
6. Ingeval artikel 4, vijfde lid, van toepassing is, geschiedt de bemonstering van de dierlijke meststoffen geautomatiseerd en overeenkomstig bijlage 2, onderdeel A, punten 2, 4 en 5. In afwijking hiervan is, indien bijlage 2, onderdeel A, punten 4 en 5, wordt nageleefd, bemonstering toegestaan met gebruikmaking van het bemonsteringsapparaat dat is geïnstalleerd in de bewerkingsinstallatie.
2. De bemonstering van een vracht vaste dierlijke meststoffen geschiedt overeenkomstig bijlage 2, onderdeel B.
3. Het inzendmonster wordt verpakt, bewaard en verzonden overeenkomstig bijlage 2, onderdeel C.
4. Bij de bemonstering van een vracht dierlijke meststoffen wordt gebruik gemaakt van apparatuur die voldoet aan bijlage 3.
5. Bij de verpakking van een monster vloeibare dierlijke mest wordt gebruik gemaakt van apparatuur die voldoet aan bijlage 5.
6. Ingeval artikel 4, vijfde lid, van toepassing is, geschiedt de bemonstering van de dierlijke meststoffen geautomatiseerd en overeenkomstig bijlage 2, onderdeel A, punten 2, 4 en 5. In afwijking hiervan is, indien bijlage 2, onderdeel A, punten 4 en 5, wordt nageleefd, bemonstering toegestaan met gebruikmaking van het bemonsteringsapparaat dat is geïnstalleerd in de bewerkingsinstallatie.