BWBR0009077
Geldig vanaf 2005-07-04
Artikel 4
Regeling hoeveelheidsbepaling dierlijke en overige organische meststoffen
1. Voor de toepassing van artikel 2, eerste lid, en voor de toepassing van artikel 32, eerste lid, van de wet en artikel D4, eerste lid, van bijlage D bij de wet, wordt het gewicht van dierlijke meststoffen bepaald door een monsternemer.
2. De bepaling van het gewicht geschiedt op zodanige wijze dat daarbij het gewicht van het transportmiddel buiten beschouwing blijft. Indien een vracht dierlijke meststoffen wordt afgevoerd of aangevoerd in een container, kan het gewicht van die meststoffen worden bepaald door het gewicht van de gevulde container te verminderen met het gewicht van de lege container dat eenmalig is bepaald en dat duidelijk zichtbaar en niet verwijderbaar op de container is aangebracht.
3. Het gewicht van de dierlijke meststoffen en het gewicht van de in het tweede lid bedoelde container worden bepaald door weging.
4. Van een vracht dierlijke meststoffen die ten hoogste twee malen wordt doorgeleverd, wordt eenmaal bij aanvoer of bij afvoer het gewicht bepaald. Dit gewicht is het gewicht van de met de vracht aan- dan wel afgevoerde dierlijke meststoffen voor alle bij de doorleveringen betrokken bedrijven of intermediaire ondernemingen.
5. De bepaling van het gewicht van dierlijke meststoffen die vanaf een bedrijf worden afgevoerd naar de bewerkingsinstallatie door de kalvergierpersleiding beheerd door e stichting of Mestwerk Achterhoek B.V. te Uden, geschiedt in afwijking van het eerste en het derde lid met behulp van de in die installatie aangebrachte apparatuur ter bepaling van het volume waarbij 1 kubieke meter dierlijke meststoffen voor de toepassing van deze regeling wordt gelijkgesteld aan 1000 kilogram.
2. De bepaling van het gewicht geschiedt op zodanige wijze dat daarbij het gewicht van het transportmiddel buiten beschouwing blijft. Indien een vracht dierlijke meststoffen wordt afgevoerd of aangevoerd in een container, kan het gewicht van die meststoffen worden bepaald door het gewicht van de gevulde container te verminderen met het gewicht van de lege container dat eenmalig is bepaald en dat duidelijk zichtbaar en niet verwijderbaar op de container is aangebracht.
3. Het gewicht van de dierlijke meststoffen en het gewicht van de in het tweede lid bedoelde container worden bepaald door weging.
4. Van een vracht dierlijke meststoffen die ten hoogste twee malen wordt doorgeleverd, wordt eenmaal bij aanvoer of bij afvoer het gewicht bepaald. Dit gewicht is het gewicht van de met de vracht aan- dan wel afgevoerde dierlijke meststoffen voor alle bij de doorleveringen betrokken bedrijven of intermediaire ondernemingen.
5. De bepaling van het gewicht van dierlijke meststoffen die vanaf een bedrijf worden afgevoerd naar de bewerkingsinstallatie door de kalvergierpersleiding beheerd door e stichting of Mestwerk Achterhoek B.V. te Uden, geschiedt in afwijking van het eerste en het derde lid met behulp van de in die installatie aangebrachte apparatuur ter bepaling van het volume waarbij 1 kubieke meter dierlijke meststoffen voor de toepassing van deze regeling wordt gelijkgesteld aan 1000 kilogram.