BWBR0008954
Geldig vanaf 1998-01-01
Artikel 2
Besluit indicatie sociale werkvoorziening
1. Een aanvraag tot indicatie wordt ingediend door of namens de betrokkene bij het gemeentebestuur waar betrokkene woonachtig is. Ondertekent de betrokkene de aanvraag tot indicatie niet zelf, dan wordt de reden daarvan vermeld.
2. In de aanvraag wordt aangegeven of de betrokkene toestemming geeft tot het zo nodig raadplegen van behandelend artsen of psychologen en het gebruik maken van bij dezen aanwezige medische of psychologische gegevens.
3. Bij de aanvraag wordt een bewijs van inschrijving in de gemeente alsmede een bewijs van inschrijving als werkzoekende bij de Centrale organisatie werk en inkomen overlegd.
4. In afwijking van het eerste lid kan een aanvraag tot indicatie worden ingediend bij een ander gemeentebestuur, indien dat gemeentebestuur en het gemeentebestuur waar betrokkene woonachtig is daarmee instemmen.
5. De aanvraag tot indicatie wordt door het gemeentebestuur binnen vier weken doorgeleid naar de commissie, bedoeld in artikel 12 van de wet.
2. In de aanvraag wordt aangegeven of de betrokkene toestemming geeft tot het zo nodig raadplegen van behandelend artsen of psychologen en het gebruik maken van bij dezen aanwezige medische of psychologische gegevens.
3. Bij de aanvraag wordt een bewijs van inschrijving in de gemeente alsmede een bewijs van inschrijving als werkzoekende bij de Centrale organisatie werk en inkomen overlegd.
4. In afwijking van het eerste lid kan een aanvraag tot indicatie worden ingediend bij een ander gemeentebestuur, indien dat gemeentebestuur en het gemeentebestuur waar betrokkene woonachtig is daarmee instemmen.
5. De aanvraag tot indicatie wordt door het gemeentebestuur binnen vier weken doorgeleid naar de commissie, bedoeld in artikel 12 van de wet.