BWBR0008021
Geldig vanaf 1996-05-15
Artikel 8
Subsidieregeling schipperszorg binnenvaart
De Minister wijst een aanvraag in ieder geval af indien:
a. de werkzaamheden, bedoeld in artikel 4, tweede lid, naar het oordeel van de Minister geen verband houden met de schipperszorg;
b. uit de begroting, bedoeld in artikel 4, eerste lid, naar het oordeel van de Minister niet voldoende blijkt dat de financiële situatie en het vermogen ontoereikend zijn om de kosten verbonden aan de onder a bedoelde werkzaamheden te dragen;
c. de instelling failliet is verklaard, aan haar surséance van betaling is verleend of een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend;
d. subsidie naar het oordeel van de Minister geen wezenlijke bijdrage levert aan de schipperszorg;
e. de instelling in het kader van de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van deze gegevens tot een onjuiste beschikking op de aanvraag zou hebben geleid; of
f. de instelling niet voldoet aan het bepaalde bij of krachtens deze regeling.
a. de werkzaamheden, bedoeld in artikel 4, tweede lid, naar het oordeel van de Minister geen verband houden met de schipperszorg;
b. uit de begroting, bedoeld in artikel 4, eerste lid, naar het oordeel van de Minister niet voldoende blijkt dat de financiële situatie en het vermogen ontoereikend zijn om de kosten verbonden aan de onder a bedoelde werkzaamheden te dragen;
c. de instelling failliet is verklaard, aan haar surséance van betaling is verleend of een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend;
d. subsidie naar het oordeel van de Minister geen wezenlijke bijdrage levert aan de schipperszorg;
e. de instelling in het kader van de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van deze gegevens tot een onjuiste beschikking op de aanvraag zou hebben geleid; of
f. de instelling niet voldoet aan het bepaalde bij of krachtens deze regeling.