BWBR0007777
Geldig vanaf 2003-11-24
Artikel 23
Vrijstellingsregeling Wet toezicht effectenverkeer 1995
1. Onverminderd artikel 14wordt van artikel 7, eerste lid, van de wetvrijstelling verleend aan natuurlijke personen en rechtspersonen voor zover zij als effectenbemiddelaar of vermogensbeheerder diensten aanbieden aan of verrichten voor natuurlijke personen of rechtspersonen die beroeps- of bedrijfsmatig handelen of beleggen in effecten, indien zij deze diensten ook reeds aanboden aan dan wel verrichtten voor de betrokken personen voor de datum van inwerkingtreding van artikel 7, eerste lid, van de weten uit dien hoofde waren opgenomen in het register, bedoeld in artikel 15 van de Wettoezicht effectenverkeer.
2. De vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, is van toepassing tot de laatste dag van de derde kalendermaand na de datum van inwerkingtreding van artikel 7, eerste lid, van de wet.
3. In afwijking van het tweede lid blijft de vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, van toepassing op degene die tijdens de in het tweede lid bedoelde periode bij de toezichthouder een aanvraag voor een vergunning heeft ingediend, tot de tweede dag nadat de toezichthouder zijn besluit inzake die aanvraag heeft verzonden.
4. Aan de vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, wordt het voorschrift verbonden dat de natuurlijke persoon of rechtspersoon bij het als effectenbemiddelaar of vermogensbeheerder aanbieden of verrichten van de in het eerste lid bedoelde diensten de regels, bedoeld in artikel 23van het besluit, naleeft. Artikel 20, tweede en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
2. De vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, is van toepassing tot de laatste dag van de derde kalendermaand na de datum van inwerkingtreding van artikel 7, eerste lid, van de wet.
3. In afwijking van het tweede lid blijft de vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, van toepassing op degene die tijdens de in het tweede lid bedoelde periode bij de toezichthouder een aanvraag voor een vergunning heeft ingediend, tot de tweede dag nadat de toezichthouder zijn besluit inzake die aanvraag heeft verzonden.
4. Aan de vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, wordt het voorschrift verbonden dat de natuurlijke persoon of rechtspersoon bij het als effectenbemiddelaar of vermogensbeheerder aanbieden of verrichten van de in het eerste lid bedoelde diensten de regels, bedoeld in artikel 23van het besluit, naleeft. Artikel 20, tweede en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.