BWBR0007777
Geldig vanaf 2003-11-24
Artikel 20
Vrijstellingsregeling Wet toezicht effectenverkeer 1995
1. Aan de vrijstelling, bedoeld in de artikelen 12, 14, 15en 18, wordt het voorschrift verbonden dat de effecteninstelling de toezichthouder in kennis stelt van haar voornemen om een of meer van de in die artikelen bedoelde diensten aan te bieden of te verrichten. Deze inkennisstelling geschiedt, voor zover van toepassing, onder opgave van de volgende gegevens:
a. de naam en het adres van de statutaire zetel van de effecteninstelling, alsmede het adres van haar hoofdkantoor indien dat afwijkt van het adres van de statutaire zetel;
b. een programma van werkzaamheden waarin de voorgenomen werkzaamheden en de organisatiestructuur van de effecteninstelling zijn vermeld; en
c. de identiteit van de personen, bedoeld in artikel 10 van het besluit.
2. Aan de vrijstelling, bedoeld in de artikelen 12, 14, 15en 18, wordt het voorschrift verbonden dat de effecteninstelling de toezichthouder binnen vijf werkdagen in kennis stelt van wijzigingen in de gegevens, bedoeld in het eerste lid.
3. Aan de vrijstelling, bedoeld in de artikelen 12, 14, 15en 17, wordt het voorschrift verbonden dat de effecteninstelling slechts gebruik mag maken van in Nederland geboden faciliteiten die de effecteninstelling in staat stellen transacties te verrichten op een effectenbeurs:
a. waarvan de houder een erkenning heeft als bedoeld in artikel 22, eerste lid, van de wet of een vrijstelling of een ontheffing als bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de wet; of
b. op de houder waarvan de in artikel 22, vierde lid, van de wet bedoelde vrijstelling van toepassing is, voor zover de reikwijdte van de erkenning, ontheffing dan wel vrijstelling dit toelaat.
a. de naam en het adres van de statutaire zetel van de effecteninstelling, alsmede het adres van haar hoofdkantoor indien dat afwijkt van het adres van de statutaire zetel;
b. een programma van werkzaamheden waarin de voorgenomen werkzaamheden en de organisatiestructuur van de effecteninstelling zijn vermeld; en
c. de identiteit van de personen, bedoeld in artikel 10 van het besluit.
2. Aan de vrijstelling, bedoeld in de artikelen 12, 14, 15en 18, wordt het voorschrift verbonden dat de effecteninstelling de toezichthouder binnen vijf werkdagen in kennis stelt van wijzigingen in de gegevens, bedoeld in het eerste lid.
3. Aan de vrijstelling, bedoeld in de artikelen 12, 14, 15en 17, wordt het voorschrift verbonden dat de effecteninstelling slechts gebruik mag maken van in Nederland geboden faciliteiten die de effecteninstelling in staat stellen transacties te verrichten op een effectenbeurs:
a. waarvan de houder een erkenning heeft als bedoeld in artikel 22, eerste lid, van de wet of een vrijstelling of een ontheffing als bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de wet; of
b. op de houder waarvan de in artikel 22, vierde lid, van de wet bedoelde vrijstelling van toepassing is, voor zover de reikwijdte van de erkenning, ontheffing dan wel vrijstelling dit toelaat.