BWBR0007632
Geldig vanaf 1996-06-01
Artikel 38
Douanewet
1. Indien voor goederen welke zijn geplaatst onder de douaneregeling douanevervoer, actieve veredeling (systeem inzake schorsing), behandeling onder douanetoezicht of tijdelijke invoer, de formaliteiten ter beëindiging van die regeling in strijd met wettelijke bepalingen niet of niet tijdig worden vervuld, vormt dit een verzuim ter zake waarvan de inspecteur degene die die formaliteiten dient te vervullen en degene door wiens toedoen die formaliteiten niet of niet tijdig worden vervuld een boete van ten hoogste € 90 kan opleggen.
2. Indien het in strijd met wettelijke bepalingen niet of niet tijdig vervullen van de in het eerste lid bedoelde formaliteiten een douaneschuld doet ontstaan en het daaruit voortvloeiende bedrag aan rechten bij invoer hoger is dan € 90, terwijl het in strijd met wettelijke bepalingen niet of niet tijdig vervullen van die formaliteiten is te wijten aan opzet of grove schuld van één of meer van degenen, bedoeld in het eerste lid, vormt dit een vergrijp ter zake waarvan de inspecteur hem, onderscheidenlijk ieder van hen, een boete van ten hoogste 100 percent van het bedrag van de rechten kan opleggen.
2. Indien het in strijd met wettelijke bepalingen niet of niet tijdig vervullen van de in het eerste lid bedoelde formaliteiten een douaneschuld doet ontstaan en het daaruit voortvloeiende bedrag aan rechten bij invoer hoger is dan € 90, terwijl het in strijd met wettelijke bepalingen niet of niet tijdig vervullen van die formaliteiten is te wijten aan opzet of grove schuld van één of meer van degenen, bedoeld in het eerste lid, vormt dit een vergrijp ter zake waarvan de inspecteur hem, onderscheidenlijk ieder van hen, een boete van ten hoogste 100 percent van het bedrag van de rechten kan opleggen.