BWBR0007632
Geldig vanaf 1996-06-01
Artikel 33
Douanewet
1. Onze Minister kan op grond van laakbare handelingen, gepleegd in de uitoefening van het bedrijf van douane-expediteur, diens toelating als douane-expediteur intrekken, indien tevoren aan de douane-expediteur wegens vroeger gepleegde laakbare handelingen in de laatstverlopen drie jaren een waarschuwing, houdende de feiten waarop zij is gegrond, is uitgereikt.
2. In afwijking van het eerste lid kan Onze Minister de toelating als douane-expediteur onmiddellijk intrekken indien de douane-expediteur onherroepelijk is veroordeeld vanwege een in wettelijke bepalingen strafbaar gesteld feit.
3. Aan de douane-expediteur wiens toelating is ingetrokken, wordt, behoudens in bijzondere gevallen, een nieuwe toelating niet verleend voordat vijf jaren sedert de intrekking zijn verlopen.
2. In afwijking van het eerste lid kan Onze Minister de toelating als douane-expediteur onmiddellijk intrekken indien de douane-expediteur onherroepelijk is veroordeeld vanwege een in wettelijke bepalingen strafbaar gesteld feit.
3. Aan de douane-expediteur wiens toelating is ingetrokken, wordt, behoudens in bijzondere gevallen, een nieuwe toelating niet verleend voordat vijf jaren sedert de intrekking zijn verlopen.