BWBR0006914
Geldig vanaf 2016-12-14
Artikel 1a
Reisregeling buitenland
1. Een dienstreis waarvan de afstand niet meer dan 500 kilometer bedraagt, gemeten van station van vertrek naar station van aankomst, wordt per trein afgelegd.
2. Het bevoegd gezag verstrekt aan betrokkene een vervoersbewijs. Met voorafgaande schriftelijke toestemming van het bevoegd gezag mag betrokkene zelf een vervoersbewijs aanschaffen en worden de werkelijk gemaakte kosten, ten hoogste tot het bedrag voor een vervoersbewijs in de klasse, waartoe betrokkene gerechtigd is te reizen, aan hem vergoed.
3. De betrokkene is gerechtigd om voor rijksrekening in de eerste klasse te reizen indien voor de dienstreis een vervoersbewijs in die klasse beschikbaar is.
In afwijking van het tweede lid is de betrokkene bij scholingsreizen gerechtigd om voor rijksrekening in de tweede klasse te reizen.
2. Het bevoegd gezag verstrekt aan betrokkene een vervoersbewijs. Met voorafgaande schriftelijke toestemming van het bevoegd gezag mag betrokkene zelf een vervoersbewijs aanschaffen en worden de werkelijk gemaakte kosten, ten hoogste tot het bedrag voor een vervoersbewijs in de klasse, waartoe betrokkene gerechtigd is te reizen, aan hem vergoed.
3. De betrokkene is gerechtigd om voor rijksrekening in de eerste klasse te reizen indien voor de dienstreis een vervoersbewijs in die klasse beschikbaar is.
In afwijking van het tweede lid is de betrokkene bij scholingsreizen gerechtigd om voor rijksrekening in de tweede klasse te reizen.