BWBR0006813
Geldig vanaf 1994-08-05
Artikel 2
Besluit produktie en handel vlees van vrij wild
Met betrekking tot de produktie en het in de handel brengen van vlees van vrij wild wordt voldaan aan de eisen dat het:
a. afkomstig is van vrij wild dat: - gedood is in een jachtgebied met door de Jachtwet geoorloofde middelen;
- niet afkomstig is uit een gebied waarvoor veterinairrechtelijke beperkingen gelden;
- onmiddellijk na het doden bereid is overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk III, en binnen ten hoogste twaalf uur vervoerd is naar een overeenkomstig artikel 10 erkende vrij-wildverwerkingsinrichting, danwel naar een verzamelplaats waar het op de in bijlage I, hoofdstuk III, voorgeschreven temperaturen moet worden gebracht en waarvandaan het naar een zodanige vrij-wildverwerkingsinrichting moet worden vervoerd binnen twaalf uur, of, voor afgelegen gebieden, en wanneer de klimaatomstandigheden zulks toestaan, binnen een door de hoofdinspecteur vast te stellen termijn om de keuringsdierenarts de mogelijkheid te bieden de in bijlage I, hoofdstuk V, bedoelde keuring post mortem onder bevredigende voorwaarden te verrichten;
- gedood is in een jachtgebied met door de Jachtwet geoorloofde middelen;
- niet afkomstig is uit een gebied waarvoor veterinairrechtelijke beperkingen gelden;
- onmiddellijk na het doden bereid is overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk III, en binnen ten hoogste twaalf uur vervoerd is naar een overeenkomstig artikel 10 erkende vrij-wildverwerkingsinrichting, danwel naar een verzamelplaats waar het op de in bijlage I, hoofdstuk III, voorgeschreven temperaturen moet worden gebracht en waarvandaan het naar een zodanige vrij-wildverwerkingsinrichting moet worden vervoerd binnen twaalf uur, of, voor afgelegen gebieden, en wanneer de klimaatomstandigheden zulks toestaan, binnen een door de hoofdinspecteur vast te stellen termijn om de keuringsdierenarts de mogelijkheid te bieden de in bijlage I, hoofdstuk V, bedoelde keuring post mortem onder bevredigende voorwaarden te verrichten;
b. verkregen is in een overeenkomstig artikel 10 erkende vrij-wildverwerkingsinrichting. Voor zover als zodanig wordt erkend een inrichting die reeds een erkenning heeft ingevolge het Besluit produktie en handel vers vlees of ingevolge de Regeling uitvoer vlees en vleesbereidingen 1985 danwel krachtens de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren en de Landbouwwet ter implementatie van artikel 10 van richtlijn nr. 64/433/EEG gestelde regels: - worden de gehele stukken vrij wild in andere dan de voor het in genoemde regelingen bedoelde vlees gereserveerde lokalen danwel op andere tijdstippen onthuid,
- worden maatregelen genomen zodat duidelijk blijkt of sprake is van vlees van vrij wild of van vlees in de zin van de in de aanhef bedoelde regelingen;
- worden de gehele stukken vrij wild in andere dan de voor het in genoemde regelingen bedoelde vlees gereserveerde lokalen danwel op andere tijdstippen onthuid,
- worden maatregelen genomen zodat duidelijk blijkt of sprake is van vlees van vrij wild of van vlees in de zin van de in de aanhef bedoelde regelingen;
c. afkomstig is van gedode dieren die door de keuringsdierenarts visueel zijn onderzocht, ten einde: - eventuele afwijkingen op te sporen;
- na te gaan of de dood niet aan andere oorzaken dan de jacht is te wijten;
- eventuele afwijkingen op te sporen;
- na te gaan of de dood niet aan andere oorzaken dan de jacht is te wijten;
d. afkomstig is van: 1. hetzij gehele stukken onthuid vrij wild: - die zijn gehanteerd onder bevredigende hygiënische omstandigheden, overeenkomstig bijlage I, hoofdstukken III en IV;
- die overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk V, post mortem zijn gekeurd door de keuringsdierenarts of door keurmeesters die voldoen aan door Onze Minister te stellen eisen van vakbekwaamheid en handelen onder toezicht van de keuringsdierenarts;
- die geen afwijkingen hebben vertoond, met uitzondering van bij het doden opgelopen traumatische laesies of van plaatselijke misvormingen of afwijkingen, voor zover is geconstateerd, zo nodig met behulp van geschikte laboratoriumtests, dat deze het vlees niet ongeschikt maken voor menselijke consumptie, noch enig gevaar opleveren voor de gezondheid van de mens;
- die zijn gehanteerd onder bevredigende hygiënische omstandigheden, overeenkomstig bijlage I, hoofdstukken III en IV;
- die overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk V, post mortem zijn gekeurd door de keuringsdierenarts of door keurmeesters die voldoen aan door Onze Minister te stellen eisen van vakbekwaamheid en handelen onder toezicht van de keuringsdierenarts;
- die geen afwijkingen hebben vertoond, met uitzondering van bij het doden opgelopen traumatische laesies of van plaatselijke misvormingen of afwijkingen, voor zover is geconstateerd, zo nodig met behulp van geschikte laboratoriumtests, dat deze het vlees niet ongeschikt maken voor menselijke consumptie, noch enig gevaar opleveren voor de gezondheid van de mens;
2. hetzij gehele stukken niet-onthuid vrij wild: - die voldoen aan de eisen gesteld bij onderdeel a, onderdeel c en onderdeel d, onder 1, eerste gedachtenstreepje;
- die in een overeenkomstig artikel 10 erkende vrij-wildverwerkingsinrichting een keuring post mortem van de ingewanden hebben ondergaan;
- die vergezeld gaan van een gezondheidscertificaat, waarvan het model wordt vastgesteld door Onze Minister, dat door de keuringsdierenarts wordt ondertekend en waarin wordt verklaard dat het resultaat van de hierboven bedoelde keuring post mortem bevredigend is en dat het vlees geschikt is voor menselijke consumptie;
- die gebracht zijn op een temperatuur die hoger is dan of gelijk is aan -1 °C en: i). lager dan + 7 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrij-wildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste zeven dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem of
ii). lager dan + 1 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrijwildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste vijftien dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem;
i). lager dan + 7 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrij-wildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste zeven dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem of
ii). lager dan + 1 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrijwildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste vijftien dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem;
- die overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk V, post mortem zijn gekeurd door de keuringsdierenarts na te zijn onthuid.
- die voldoen aan de eisen gesteld bij onderdeel a, onderdeel c en onderdeel d, onder 1, eerste gedachtenstreepje;
- die in een overeenkomstig artikel 10 erkende vrij-wildverwerkingsinrichting een keuring post mortem van de ingewanden hebben ondergaan;
- die vergezeld gaan van een gezondheidscertificaat, waarvan het model wordt vastgesteld door Onze Minister, dat door de keuringsdierenarts wordt ondertekend en waarin wordt verklaard dat het resultaat van de hierboven bedoelde keuring post mortem bevredigend is en dat het vlees geschikt is voor menselijke consumptie;
- die gebracht zijn op een temperatuur die hoger is dan of gelijk is aan -1 °C en: i). lager dan + 7 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrij-wildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste zeven dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem of
ii). lager dan + 1 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrijwildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste vijftien dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem;
i). lager dan + 7 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrij-wildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste zeven dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem of
ii). lager dan + 1 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrijwildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste vijftien dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem;
- die overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk V, post mortem zijn gekeurd door de keuringsdierenarts na te zijn onthuid.
1. hetzij gehele stukken onthuid vrij wild: - die zijn gehanteerd onder bevredigende hygiënische omstandigheden, overeenkomstig bijlage I, hoofdstukken III en IV;
- die overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk V, post mortem zijn gekeurd door de keuringsdierenarts of door keurmeesters die voldoen aan door Onze Minister te stellen eisen van vakbekwaamheid en handelen onder toezicht van de keuringsdierenarts;
- die geen afwijkingen hebben vertoond, met uitzondering van bij het doden opgelopen traumatische laesies of van plaatselijke misvormingen of afwijkingen, voor zover is geconstateerd, zo nodig met behulp van geschikte laboratoriumtests, dat deze het vlees niet ongeschikt maken voor menselijke consumptie, noch enig gevaar opleveren voor de gezondheid van de mens;
- die zijn gehanteerd onder bevredigende hygiënische omstandigheden, overeenkomstig bijlage I, hoofdstukken III en IV;
- die overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk V, post mortem zijn gekeurd door de keuringsdierenarts of door keurmeesters die voldoen aan door Onze Minister te stellen eisen van vakbekwaamheid en handelen onder toezicht van de keuringsdierenarts;
- die geen afwijkingen hebben vertoond, met uitzondering van bij het doden opgelopen traumatische laesies of van plaatselijke misvormingen of afwijkingen, voor zover is geconstateerd, zo nodig met behulp van geschikte laboratoriumtests, dat deze het vlees niet ongeschikt maken voor menselijke consumptie, noch enig gevaar opleveren voor de gezondheid van de mens;
2. hetzij gehele stukken niet-onthuid vrij wild: - die voldoen aan de eisen gesteld bij onderdeel a, onderdeel c en onderdeel d, onder 1, eerste gedachtenstreepje;
- die in een overeenkomstig artikel 10 erkende vrij-wildverwerkingsinrichting een keuring post mortem van de ingewanden hebben ondergaan;
- die vergezeld gaan van een gezondheidscertificaat, waarvan het model wordt vastgesteld door Onze Minister, dat door de keuringsdierenarts wordt ondertekend en waarin wordt verklaard dat het resultaat van de hierboven bedoelde keuring post mortem bevredigend is en dat het vlees geschikt is voor menselijke consumptie;
- die gebracht zijn op een temperatuur die hoger is dan of gelijk is aan -1 °C en: i). lager dan + 7 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrij-wildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste zeven dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem of
ii). lager dan + 1 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrijwildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste vijftien dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem;
i). lager dan + 7 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrij-wildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste zeven dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem of
ii). lager dan + 1 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrijwildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste vijftien dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem;
- die overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk V, post mortem zijn gekeurd door de keuringsdierenarts na te zijn onthuid.
- die voldoen aan de eisen gesteld bij onderdeel a, onderdeel c en onderdeel d, onder 1, eerste gedachtenstreepje;
- die in een overeenkomstig artikel 10 erkende vrij-wildverwerkingsinrichting een keuring post mortem van de ingewanden hebben ondergaan;
- die vergezeld gaan van een gezondheidscertificaat, waarvan het model wordt vastgesteld door Onze Minister, dat door de keuringsdierenarts wordt ondertekend en waarin wordt verklaard dat het resultaat van de hierboven bedoelde keuring post mortem bevredigend is en dat het vlees geschikt is voor menselijke consumptie;
- die gebracht zijn op een temperatuur die hoger is dan of gelijk is aan -1 °C en: i). lager dan + 7 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrij-wildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste zeven dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem of
ii). lager dan + 1 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrijwildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste vijftien dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem;
i). lager dan + 7 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrij-wildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste zeven dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem of
ii). lager dan + 1 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrijwildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste vijftien dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem;
- die overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk V, post mortem zijn gekeurd door de keuringsdierenarts na te zijn onthuid.
a. afkomstig is van vrij wild dat: - gedood is in een jachtgebied met door de Jachtwet geoorloofde middelen;
- niet afkomstig is uit een gebied waarvoor veterinairrechtelijke beperkingen gelden;
- onmiddellijk na het doden bereid is overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk III, en binnen ten hoogste twaalf uur vervoerd is naar een overeenkomstig artikel 10 erkende vrij-wildverwerkingsinrichting, danwel naar een verzamelplaats waar het op de in bijlage I, hoofdstuk III, voorgeschreven temperaturen moet worden gebracht en waarvandaan het naar een zodanige vrij-wildverwerkingsinrichting moet worden vervoerd binnen twaalf uur, of, voor afgelegen gebieden, en wanneer de klimaatomstandigheden zulks toestaan, binnen een door de hoofdinspecteur vast te stellen termijn om de keuringsdierenarts de mogelijkheid te bieden de in bijlage I, hoofdstuk V, bedoelde keuring post mortem onder bevredigende voorwaarden te verrichten;
- gedood is in een jachtgebied met door de Jachtwet geoorloofde middelen;
- niet afkomstig is uit een gebied waarvoor veterinairrechtelijke beperkingen gelden;
- onmiddellijk na het doden bereid is overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk III, en binnen ten hoogste twaalf uur vervoerd is naar een overeenkomstig artikel 10 erkende vrij-wildverwerkingsinrichting, danwel naar een verzamelplaats waar het op de in bijlage I, hoofdstuk III, voorgeschreven temperaturen moet worden gebracht en waarvandaan het naar een zodanige vrij-wildverwerkingsinrichting moet worden vervoerd binnen twaalf uur, of, voor afgelegen gebieden, en wanneer de klimaatomstandigheden zulks toestaan, binnen een door de hoofdinspecteur vast te stellen termijn om de keuringsdierenarts de mogelijkheid te bieden de in bijlage I, hoofdstuk V, bedoelde keuring post mortem onder bevredigende voorwaarden te verrichten;
b. verkregen is in een overeenkomstig artikel 10 erkende vrij-wildverwerkingsinrichting. Voor zover als zodanig wordt erkend een inrichting die reeds een erkenning heeft ingevolge het Besluit produktie en handel vers vlees of ingevolge de Regeling uitvoer vlees en vleesbereidingen 1985 danwel krachtens de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren en de Landbouwwet ter implementatie van artikel 10 van richtlijn nr. 64/433/EEG gestelde regels: - worden de gehele stukken vrij wild in andere dan de voor het in genoemde regelingen bedoelde vlees gereserveerde lokalen danwel op andere tijdstippen onthuid,
- worden maatregelen genomen zodat duidelijk blijkt of sprake is van vlees van vrij wild of van vlees in de zin van de in de aanhef bedoelde regelingen;
- worden de gehele stukken vrij wild in andere dan de voor het in genoemde regelingen bedoelde vlees gereserveerde lokalen danwel op andere tijdstippen onthuid,
- worden maatregelen genomen zodat duidelijk blijkt of sprake is van vlees van vrij wild of van vlees in de zin van de in de aanhef bedoelde regelingen;
c. afkomstig is van gedode dieren die door de keuringsdierenarts visueel zijn onderzocht, ten einde: - eventuele afwijkingen op te sporen;
- na te gaan of de dood niet aan andere oorzaken dan de jacht is te wijten;
- eventuele afwijkingen op te sporen;
- na te gaan of de dood niet aan andere oorzaken dan de jacht is te wijten;
d. afkomstig is van: 1. hetzij gehele stukken onthuid vrij wild: - die zijn gehanteerd onder bevredigende hygiënische omstandigheden, overeenkomstig bijlage I, hoofdstukken III en IV;
- die overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk V, post mortem zijn gekeurd door de keuringsdierenarts of door keurmeesters die voldoen aan door Onze Minister te stellen eisen van vakbekwaamheid en handelen onder toezicht van de keuringsdierenarts;
- die geen afwijkingen hebben vertoond, met uitzondering van bij het doden opgelopen traumatische laesies of van plaatselijke misvormingen of afwijkingen, voor zover is geconstateerd, zo nodig met behulp van geschikte laboratoriumtests, dat deze het vlees niet ongeschikt maken voor menselijke consumptie, noch enig gevaar opleveren voor de gezondheid van de mens;
- die zijn gehanteerd onder bevredigende hygiënische omstandigheden, overeenkomstig bijlage I, hoofdstukken III en IV;
- die overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk V, post mortem zijn gekeurd door de keuringsdierenarts of door keurmeesters die voldoen aan door Onze Minister te stellen eisen van vakbekwaamheid en handelen onder toezicht van de keuringsdierenarts;
- die geen afwijkingen hebben vertoond, met uitzondering van bij het doden opgelopen traumatische laesies of van plaatselijke misvormingen of afwijkingen, voor zover is geconstateerd, zo nodig met behulp van geschikte laboratoriumtests, dat deze het vlees niet ongeschikt maken voor menselijke consumptie, noch enig gevaar opleveren voor de gezondheid van de mens;
2. hetzij gehele stukken niet-onthuid vrij wild: - die voldoen aan de eisen gesteld bij onderdeel a, onderdeel c en onderdeel d, onder 1, eerste gedachtenstreepje;
- die in een overeenkomstig artikel 10 erkende vrij-wildverwerkingsinrichting een keuring post mortem van de ingewanden hebben ondergaan;
- die vergezeld gaan van een gezondheidscertificaat, waarvan het model wordt vastgesteld door Onze Minister, dat door de keuringsdierenarts wordt ondertekend en waarin wordt verklaard dat het resultaat van de hierboven bedoelde keuring post mortem bevredigend is en dat het vlees geschikt is voor menselijke consumptie;
- die gebracht zijn op een temperatuur die hoger is dan of gelijk is aan -1 °C en: i). lager dan + 7 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrij-wildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste zeven dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem of
ii). lager dan + 1 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrijwildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste vijftien dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem;
i). lager dan + 7 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrij-wildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste zeven dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem of
ii). lager dan + 1 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrijwildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste vijftien dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem;
- die overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk V, post mortem zijn gekeurd door de keuringsdierenarts na te zijn onthuid.
- die voldoen aan de eisen gesteld bij onderdeel a, onderdeel c en onderdeel d, onder 1, eerste gedachtenstreepje;
- die in een overeenkomstig artikel 10 erkende vrij-wildverwerkingsinrichting een keuring post mortem van de ingewanden hebben ondergaan;
- die vergezeld gaan van een gezondheidscertificaat, waarvan het model wordt vastgesteld door Onze Minister, dat door de keuringsdierenarts wordt ondertekend en waarin wordt verklaard dat het resultaat van de hierboven bedoelde keuring post mortem bevredigend is en dat het vlees geschikt is voor menselijke consumptie;
- die gebracht zijn op een temperatuur die hoger is dan of gelijk is aan -1 °C en: i). lager dan + 7 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrij-wildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste zeven dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem of
ii). lager dan + 1 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrijwildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste vijftien dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem;
i). lager dan + 7 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrij-wildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste zeven dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem of
ii). lager dan + 1 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrijwildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste vijftien dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem;
- die overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk V, post mortem zijn gekeurd door de keuringsdierenarts na te zijn onthuid.
1. hetzij gehele stukken onthuid vrij wild: - die zijn gehanteerd onder bevredigende hygiënische omstandigheden, overeenkomstig bijlage I, hoofdstukken III en IV;
- die overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk V, post mortem zijn gekeurd door de keuringsdierenarts of door keurmeesters die voldoen aan door Onze Minister te stellen eisen van vakbekwaamheid en handelen onder toezicht van de keuringsdierenarts;
- die geen afwijkingen hebben vertoond, met uitzondering van bij het doden opgelopen traumatische laesies of van plaatselijke misvormingen of afwijkingen, voor zover is geconstateerd, zo nodig met behulp van geschikte laboratoriumtests, dat deze het vlees niet ongeschikt maken voor menselijke consumptie, noch enig gevaar opleveren voor de gezondheid van de mens;
- die zijn gehanteerd onder bevredigende hygiënische omstandigheden, overeenkomstig bijlage I, hoofdstukken III en IV;
- die overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk V, post mortem zijn gekeurd door de keuringsdierenarts of door keurmeesters die voldoen aan door Onze Minister te stellen eisen van vakbekwaamheid en handelen onder toezicht van de keuringsdierenarts;
- die geen afwijkingen hebben vertoond, met uitzondering van bij het doden opgelopen traumatische laesies of van plaatselijke misvormingen of afwijkingen, voor zover is geconstateerd, zo nodig met behulp van geschikte laboratoriumtests, dat deze het vlees niet ongeschikt maken voor menselijke consumptie, noch enig gevaar opleveren voor de gezondheid van de mens;
2. hetzij gehele stukken niet-onthuid vrij wild: - die voldoen aan de eisen gesteld bij onderdeel a, onderdeel c en onderdeel d, onder 1, eerste gedachtenstreepje;
- die in een overeenkomstig artikel 10 erkende vrij-wildverwerkingsinrichting een keuring post mortem van de ingewanden hebben ondergaan;
- die vergezeld gaan van een gezondheidscertificaat, waarvan het model wordt vastgesteld door Onze Minister, dat door de keuringsdierenarts wordt ondertekend en waarin wordt verklaard dat het resultaat van de hierboven bedoelde keuring post mortem bevredigend is en dat het vlees geschikt is voor menselijke consumptie;
- die gebracht zijn op een temperatuur die hoger is dan of gelijk is aan -1 °C en: i). lager dan + 7 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrij-wildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste zeven dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem of
ii). lager dan + 1 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrijwildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste vijftien dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem;
i). lager dan + 7 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrij-wildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste zeven dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem of
ii). lager dan + 1 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrijwildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste vijftien dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem;
- die overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk V, post mortem zijn gekeurd door de keuringsdierenarts na te zijn onthuid.
- die voldoen aan de eisen gesteld bij onderdeel a, onderdeel c en onderdeel d, onder 1, eerste gedachtenstreepje;
- die in een overeenkomstig artikel 10 erkende vrij-wildverwerkingsinrichting een keuring post mortem van de ingewanden hebben ondergaan;
- die vergezeld gaan van een gezondheidscertificaat, waarvan het model wordt vastgesteld door Onze Minister, dat door de keuringsdierenarts wordt ondertekend en waarin wordt verklaard dat het resultaat van de hierboven bedoelde keuring post mortem bevredigend is en dat het vlees geschikt is voor menselijke consumptie;
- die gebracht zijn op een temperatuur die hoger is dan of gelijk is aan -1 °C en: i). lager dan + 7 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrij-wildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste zeven dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem of
ii). lager dan + 1 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrijwildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste vijftien dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem;
i). lager dan + 7 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrij-wildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste zeven dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem of
ii). lager dan + 1 °C en op deze temperatuur zijn gehouden tijdens het vervoer naar een erkende vrijwildverwerkingsinrichting binnen een termijn van ten hoogste vijftien dagen die begint te lopen vanaf eerdergenoemde keuring post mortem;
- die overeenkomstig bijlage I, hoofdstuk V, post mortem zijn gekeurd door de keuringsdierenarts na te zijn onthuid.