BWBR0006598
Geldig vanaf 1994-05-01
Artikel 16
Regeling examen klein vaarbewijs
1. Indien een kandidaat ten aanzien van het examen enig bedrog pleegt of een poging daartoe doet en dit voor of tijdens het examen wordt ontdekt, wordt hem door of namens de examinator de deelneming of de verdere deelneming aan het examen ontzegd.
2. Indien een kandidaat zich in enig ander opzicht onordelijk gedraagt, kan hem door of namens de examinator de deelneming of de verdere deelneming aan het examen worden ontzegd.
3. Indien de ontdekking van het bedrog of van een poging daartoe na afloop van het examen plaatsvindt, wordt aan de kandidaat geen getuigschrift afgegeven.
2. Indien een kandidaat zich in enig ander opzicht onordelijk gedraagt, kan hem door of namens de examinator de deelneming of de verdere deelneming aan het examen worden ontzegd.
3. Indien de ontdekking van het bedrog of van een poging daartoe na afloop van het examen plaatsvindt, wordt aan de kandidaat geen getuigschrift afgegeven.