BWBR0006312
Geldig vanaf 1993-12-24
Artikel 3
Besluit berekeningswijze deelnamesommen
1. De bruto-deelnamesom voor het gebouw is gelijk aan de waarde die resteert na afschrijving van de gemiddelde vervangingswaarde, uitgaande van de datum waarop het gebouw door de instelling als onderwijsgebouw in gebruik is genomen.
2. De afschrijving van de gemiddelde vervangingswaarde van de gebouwen, geschiedt zodanig dat de gemiddelde jaarlijkse leenlast, uitgaande van 50% annuïtaire en 50% lineaire leningen, over de resterende afschrijvingstermijn gelijk is aan de gemiddelde jaarlijkse leenlast voor een nieuw gebouw dat in 30 jaar wordt afgeschreven.
3. De rentevoet voor de afschrijving van rente en aflossing bedraagt 9%.
4. De omvang van het gebouw wordt uitgedrukt in functioneel netto m².
5. De vervangingswaarde van een duurzaam gebouw bedraagt f 2700 per functioneel netto m². De afschrijvingstermijn is dertig jaar, gerekend vanaf het jaar waarin het is opgeleverd.
6. De vervangingswaarde van een tijdelijk gebouw en van een door het instellingsbestuur aangekocht gebouw dat geen onderwijsbestemming heeft gehad, bedraagt f 2313 per functioneel netto m². De afschrijvingstermijn is twintig jaar, gerekend vanaf het jaar waarin het als onderwijsgebouw in gebruik is genomen.
7. De vervangingswaarde van houten noodgebouwen bedraagt f 1567 per functioneel netto m². De afschrijvingstermijn is tien jaar, gerekend vanaf het jaar waarin het in gebruik is genomen.
8. Het jaar van oplevering of ingebruikneming van een gebouw dat in fasen is opgeleverd of in gebruik is genomen, is gelijk aan het jaar waarin elke afzonderlijke fase is ingegaan.
9. Het peiljaar voor de vaststelling van het aantal nog resterende jaren van de afschrijvingstermijn is 1992.
2. De afschrijving van de gemiddelde vervangingswaarde van de gebouwen, geschiedt zodanig dat de gemiddelde jaarlijkse leenlast, uitgaande van 50% annuïtaire en 50% lineaire leningen, over de resterende afschrijvingstermijn gelijk is aan de gemiddelde jaarlijkse leenlast voor een nieuw gebouw dat in 30 jaar wordt afgeschreven.
3. De rentevoet voor de afschrijving van rente en aflossing bedraagt 9%.
4. De omvang van het gebouw wordt uitgedrukt in functioneel netto m².
5. De vervangingswaarde van een duurzaam gebouw bedraagt f 2700 per functioneel netto m². De afschrijvingstermijn is dertig jaar, gerekend vanaf het jaar waarin het is opgeleverd.
6. De vervangingswaarde van een tijdelijk gebouw en van een door het instellingsbestuur aangekocht gebouw dat geen onderwijsbestemming heeft gehad, bedraagt f 2313 per functioneel netto m². De afschrijvingstermijn is twintig jaar, gerekend vanaf het jaar waarin het als onderwijsgebouw in gebruik is genomen.
7. De vervangingswaarde van houten noodgebouwen bedraagt f 1567 per functioneel netto m². De afschrijvingstermijn is tien jaar, gerekend vanaf het jaar waarin het in gebruik is genomen.
8. Het jaar van oplevering of ingebruikneming van een gebouw dat in fasen is opgeleverd of in gebruik is genomen, is gelijk aan het jaar waarin elke afzonderlijke fase is ingegaan.
9. Het peiljaar voor de vaststelling van het aantal nog resterende jaren van de afschrijvingstermijn is 1992.