BWBR0006038
Geldig vanaf 1993-07-14
Artikel 29
Bezoldigingsbesluit burgerlijke ambtenaren defensie
De aanspraken, welke een ambtenaar aan één van de onder at/m <em>e</em>opgesomde regelingen op het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit kan ontlenen, blijven conform het bepaalde in die regelingen van kracht:
a. Overgangsregeling bezoldigingsbesluit burgerlijke rijksambtenaren 1984;
b. koninklijk besluit van 1 augustus 1984, houdende verlaging van beginsalarissen van burgerlijke rijksambtenaren (Stb. 1984, 371);
c. koninklijk besluit van 14 december 1988, tot wijziging van het Bezoldigingsbesluit burgerlijke rijksambtenaren 1984 en enkele andere besluiten in verband met differentiatie in beloning op grond van individueel functioneren ( Stb. 1988, 652);
d. koninklijk besluit van 22 juli 1985, houdende wijziging van het Bezoldigingsbesluit burgerlijke rijksambtenaren 1984 en vaststelling van een bijbehorende overgangsregeling (Stb. 1985, 454).
a. Overgangsregeling bezoldigingsbesluit burgerlijke rijksambtenaren 1984;
b. koninklijk besluit van 1 augustus 1984, houdende verlaging van beginsalarissen van burgerlijke rijksambtenaren (Stb. 1984, 371);
c. koninklijk besluit van 14 december 1988, tot wijziging van het Bezoldigingsbesluit burgerlijke rijksambtenaren 1984 en enkele andere besluiten in verband met differentiatie in beloning op grond van individueel functioneren ( Stb. 1988, 652);
d. koninklijk besluit van 22 juli 1985, houdende wijziging van het Bezoldigingsbesluit burgerlijke rijksambtenaren 1984 en vaststelling van een bijbehorende overgangsregeling (Stb. 1985, 454).