BWBR0005818
Geldig vanaf 1993-01-01
Artikel 2
Tarievenregeling
1. Met inachtneming van het bepaalde in het tweede lid bedraagt het tarief voor een ontheffing van het verbod, genoemd in:
a. artikel 4, eerste lid onder a, van de Luchtvaartwet om de luchtvaart uit te oefenen met een luchtvaartuig, dat niet is voorzien van een geldig bewijs van inschrijving, f 100;
b. artikel 4, eerste lid onder b, van de Luchtvaartwet om de luchtvaart uit te oefenen met een luchtvaartuig dat niet is voorzien van het nationaliteitskenmerk en voorgeschreven inschrijvingskenmerk, f 100;
c. artikel 4, eerste lid onder c, van de Luchtvaartwet om de luchtvaart uit te oefenen met een luchtvaartuig dat niet is voorzien van een geldig bewijs van luchtwaardigheid of van gelijkstelling, f 190;
d. artikel 8, eerste lid, van de Luchtvaartwet om een luchtvaartuig te bedienen zonder geldig bewijs van bevoegdheid, f 190;
e. artikel 14, eerste lid onder a, b of c, van de Luchtvaartwet om met een luchtvaartuig van of op een niet als luchtvaartterrein aangewezen terrein op te stijgen respectievelijk te landen of dit terrein in te richten voor het opstijgen en landen van luchtvaartuigen, f 150.
2. Het tarief voor een ontheffing van het verbod, genoemd in:
a. artikel 31, eerste lid onder a en b, van de Luchtvaartwet om bouwwerken of roerende zaken op een luchtvaartterrein op te richten of te hebben, of graafwerk te verrichten, bedraagt f 150;
b. artikel 33, eerste lid onder a, b en c van de Luchtvaartwet, om een luchtvaartterrein te gebruiken in strijd met de bepalingen en voorwaarden bij de aanwijzing gesteld, bedraagt f 150;
c. artikel 34, eerste lid onder a en b, van de Luchtvaartwet om een luchtvaartterrein te gebruiken in strijd met de bepalingen en voorwaarden bij de aanwijzing gesteld, bedraagt f 150.
3. Het tarief voor een toestemming tot het houden van een Luchtvaartvertoning of luchtvaartwedstrijd, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de Luchtvaartwet, bedraagt f 250.
4. Het tarief voor het aanwijzen van een luchtvaartterrein, bedoeld in de artikelen 18 tot en met 30 van de Luchtvaartwet, bedraagt f 2333.
5. Het tarief voor het opleggen van een bouwverbod, op verzoek van een exploitant, bedoeld in de artikelen 38 tot en met 49 van de Luchtvaartwet, bedraagt f 3588.
a. artikel 4, eerste lid onder a, van de Luchtvaartwet om de luchtvaart uit te oefenen met een luchtvaartuig, dat niet is voorzien van een geldig bewijs van inschrijving, f 100;
b. artikel 4, eerste lid onder b, van de Luchtvaartwet om de luchtvaart uit te oefenen met een luchtvaartuig dat niet is voorzien van het nationaliteitskenmerk en voorgeschreven inschrijvingskenmerk, f 100;
c. artikel 4, eerste lid onder c, van de Luchtvaartwet om de luchtvaart uit te oefenen met een luchtvaartuig dat niet is voorzien van een geldig bewijs van luchtwaardigheid of van gelijkstelling, f 190;
d. artikel 8, eerste lid, van de Luchtvaartwet om een luchtvaartuig te bedienen zonder geldig bewijs van bevoegdheid, f 190;
e. artikel 14, eerste lid onder a, b of c, van de Luchtvaartwet om met een luchtvaartuig van of op een niet als luchtvaartterrein aangewezen terrein op te stijgen respectievelijk te landen of dit terrein in te richten voor het opstijgen en landen van luchtvaartuigen, f 150.
2. Het tarief voor een ontheffing van het verbod, genoemd in:
a. artikel 31, eerste lid onder a en b, van de Luchtvaartwet om bouwwerken of roerende zaken op een luchtvaartterrein op te richten of te hebben, of graafwerk te verrichten, bedraagt f 150;
b. artikel 33, eerste lid onder a, b en c van de Luchtvaartwet, om een luchtvaartterrein te gebruiken in strijd met de bepalingen en voorwaarden bij de aanwijzing gesteld, bedraagt f 150;
c. artikel 34, eerste lid onder a en b, van de Luchtvaartwet om een luchtvaartterrein te gebruiken in strijd met de bepalingen en voorwaarden bij de aanwijzing gesteld, bedraagt f 150.
3. Het tarief voor een toestemming tot het houden van een Luchtvaartvertoning of luchtvaartwedstrijd, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de Luchtvaartwet, bedraagt f 250.
4. Het tarief voor het aanwijzen van een luchtvaartterrein, bedoeld in de artikelen 18 tot en met 30 van de Luchtvaartwet, bedraagt f 2333.
5. Het tarief voor het opleggen van een bouwverbod, op verzoek van een exploitant, bedoeld in de artikelen 38 tot en met 49 van de Luchtvaartwet, bedraagt f 3588.