BWBR0005673
Geldig vanaf 1992-11-06
Artikel 7
Regeling sociaal beleidskader reorganisatie politiebestel
1. De ambtenaar die niet in een vaste functie kan worden geplaatst, wordt in een tijdelijke functie geplaatst, waaraan bij voorkeur eenzelfde bezoldigingsniveau is verbonden, dan wel die qua aard en niveau van werkzaamheden gelijk is aan de oorsponkelijke functie.
2. De in een tijdelijke functie geplaatste ambtenaar heeft, bij uitsluiting van ambtenaren die binnen het reorganisatiegebied in hun oorspronkelijke functies zijn gehandhaafd en van hen die in een vaste functie werkzaam zijn, recht op plaatsing in nog onvervulde vaste functies binnen de formatie van de politieregio voor zover hij daarvoor potentieel bekwaam en geschikt kan worden geacht.
3. Een in een tijdelijke functie geplaatste ambtenaar wordt bij plaatsingsmogelijkheden buiten het reorganisatiegebied als eerste op zijn geschiktheid voor vacante functies bezien en, in geval van geschiktheid, geplaatst.
4. Het bepaalde in de artikelen 3, vierde, vijfde en zesde lid, en 4, tweede, derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing indien meerdere geschikte kandidaten voor dezelfde functie in aanmerking komen.
5. De in een tijdelijke functie geplaatste ambtenaar kan geen recht op een voorkeursbehandeling doen gelden indien een positieve verticale plaatsing in een vaste functie mogelijk is.
2. De in een tijdelijke functie geplaatste ambtenaar heeft, bij uitsluiting van ambtenaren die binnen het reorganisatiegebied in hun oorspronkelijke functies zijn gehandhaafd en van hen die in een vaste functie werkzaam zijn, recht op plaatsing in nog onvervulde vaste functies binnen de formatie van de politieregio voor zover hij daarvoor potentieel bekwaam en geschikt kan worden geacht.
3. Een in een tijdelijke functie geplaatste ambtenaar wordt bij plaatsingsmogelijkheden buiten het reorganisatiegebied als eerste op zijn geschiktheid voor vacante functies bezien en, in geval van geschiktheid, geplaatst.
4. Het bepaalde in de artikelen 3, vierde, vijfde en zesde lid, en 4, tweede, derde en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing indien meerdere geschikte kandidaten voor dezelfde functie in aanmerking komen.
5. De in een tijdelijke functie geplaatste ambtenaar kan geen recht op een voorkeursbehandeling doen gelden indien een positieve verticale plaatsing in een vaste functie mogelijk is.