BWBR0005673
Geldig vanaf 1992-11-06
Artikel 3
Regeling sociaal beleidskader reorganisatie politiebestel
1. Indien een reeds vóór de datum van aanvang van de personele reorganisatie in een reorganisatiegebied, bestaande functie in de nieuwe organisatie ongewijzigd of nagenoeg ongewijzigd als vaste functie terugkeert behoudt de ambtenaar, onverminderd het bepaalde in lid 3 en lid 4 van dit artikel, zijn functie.
2. Voor de toepassing van het eerste lid wordt een functie als ongewijzigd of nagenoeg ongewijzigd aangemerkt indien de inhoud daarvan in overwegende mate overeenkomt met de inhoud van de oorspronkelijke functie.
3. Van het bepaalde in het eerste lid kan worden afgeweken in overleg met de ambtenaar.
4. Indien het aantal vaste functies in de nieuwe organisatie minder is dan in de huidige organisatie wordt aan de hand van de navolgende aflopende prioriteitsvolgorde bepaald welke ambtenaren niet in dezelfde functie geplaatst kunnen worden:
a. ambtenaren die voor bepaalde tijd in tijdelijke dienst zijn;
b. ambtenaren die voor een proeftijd of voor onbepaalde tijd in tijdelijke dienst zijn;
c. ambtenaren in vaste dienst die 35 of meer voor pensioen geldige dienstjaren hebben, waarbij ouderen in leeftijd vóór jongeren gaan;
d. ambtenaren in vaste dienst die de leeftijd van 35 jaar nog niet hebben bereikt, te beginnen met hen die het geringste aantal jaren in overheidsdienst hebben doorgebracht;
e. ambtenaren in vaste dienst die minder dan 35 voor pensioen geldige dienstjaren hebben en die de leeftijd van 35 jaar hebben overschreden, te beginnen met hen die het geringste aantal jaren in overheidsdienst hebben doorgebracht.
5. Voor de toepassing van het vierde lid wordt de tijd die de ambtenaar heeft gewijd aan de verzorging van tot zijn huishouding behorende 0 tot 4-jarige eigen-, stief- of pleegkinderen, aangemerkt als diensttijd in overheidsdienst tot een maximum van 6 jaren, voor zover dit ouderschapsverlof is genoten tijdens of voorafgaand aan de dienstbetrekking bij de overheid en niet werd genoten gedurende een dienstbetrekking elders.
6. Van de in het vierde lid gegeven volgorde kan gemotiveerd worden afgeweken indien het belang van de dienst zulks vordert. De bevordering van de deelname van voorkeursgroepen aan het arbeidsproces is ook een dienstbelang.
2. Voor de toepassing van het eerste lid wordt een functie als ongewijzigd of nagenoeg ongewijzigd aangemerkt indien de inhoud daarvan in overwegende mate overeenkomt met de inhoud van de oorspronkelijke functie.
3. Van het bepaalde in het eerste lid kan worden afgeweken in overleg met de ambtenaar.
4. Indien het aantal vaste functies in de nieuwe organisatie minder is dan in de huidige organisatie wordt aan de hand van de navolgende aflopende prioriteitsvolgorde bepaald welke ambtenaren niet in dezelfde functie geplaatst kunnen worden:
a. ambtenaren die voor bepaalde tijd in tijdelijke dienst zijn;
b. ambtenaren die voor een proeftijd of voor onbepaalde tijd in tijdelijke dienst zijn;
c. ambtenaren in vaste dienst die 35 of meer voor pensioen geldige dienstjaren hebben, waarbij ouderen in leeftijd vóór jongeren gaan;
d. ambtenaren in vaste dienst die de leeftijd van 35 jaar nog niet hebben bereikt, te beginnen met hen die het geringste aantal jaren in overheidsdienst hebben doorgebracht;
e. ambtenaren in vaste dienst die minder dan 35 voor pensioen geldige dienstjaren hebben en die de leeftijd van 35 jaar hebben overschreden, te beginnen met hen die het geringste aantal jaren in overheidsdienst hebben doorgebracht.
5. Voor de toepassing van het vierde lid wordt de tijd die de ambtenaar heeft gewijd aan de verzorging van tot zijn huishouding behorende 0 tot 4-jarige eigen-, stief- of pleegkinderen, aangemerkt als diensttijd in overheidsdienst tot een maximum van 6 jaren, voor zover dit ouderschapsverlof is genoten tijdens of voorafgaand aan de dienstbetrekking bij de overheid en niet werd genoten gedurende een dienstbetrekking elders.
6. Van de in het vierde lid gegeven volgorde kan gemotiveerd worden afgeweken indien het belang van de dienst zulks vordert. De bevordering van de deelname van voorkeursgroepen aan het arbeidsproces is ook een dienstbelang.