BWBR0005607
Geldig vanaf 1992-09-09
Artikel 3
Besluit sociaal beleidskader reorganisatie politiebestel
1. Ambtenaren worden, voor zover zij niet direct in een politieregio zijn ingedeeld, voor het opstellen van een personeelsplan door Onze Minister van Justitie ingedeeld bij een politieregio of het Korps landelijke politiediensten. Voor zover het betreft indeling bij een politieregio geschiedt dit in overeenstemming met de desbetreffende burgemeester.
2. Na indeling bij een politieregio of het Korps landelijke politiediensten is de desbetreffende burgemeester respectievelijk Onze Minister van Justitie verantwoordelijk voor de herplaatsing van een ambtenaar.
3. De ambtenaar behoudt bij plaatsing binnen een politieregio, het Korps landelijke politiediensten, het ministerie van Justitie of het ministerie van Binnenlandse Zaken de voor hem vóór de reorganisatie bestaande vooruitzichten op de salarisschaal volgens welke hij op de datum van inwerkingtreding van het personeelsplan wordt bezoldigd.
4. Door Onze Minister kunnen nadere regels gesteld worden ter zake van de plaatsing van ambtenaren en de daarbij behorende procedure.
2. Na indeling bij een politieregio of het Korps landelijke politiediensten is de desbetreffende burgemeester respectievelijk Onze Minister van Justitie verantwoordelijk voor de herplaatsing van een ambtenaar.
3. De ambtenaar behoudt bij plaatsing binnen een politieregio, het Korps landelijke politiediensten, het ministerie van Justitie of het ministerie van Binnenlandse Zaken de voor hem vóór de reorganisatie bestaande vooruitzichten op de salarisschaal volgens welke hij op de datum van inwerkingtreding van het personeelsplan wordt bezoldigd.
4. Door Onze Minister kunnen nadere regels gesteld worden ter zake van de plaatsing van ambtenaren en de daarbij behorende procedure.