BWBR0005607
Geldig vanaf 1992-09-09
Artikel 13
Besluit sociaal beleidskader reorganisatie politiebestel
1. De ambtenaar aan wie in de periode 1 januari 1993 tot en met 31 december 1994 met recht op wachtgeld in verband met de reorganisatie eervol ontslag is verleend en die uiterlijk op 31 december 1993 de leeftijd van 55 jaar heeft bereikt ontvangt een uitkering ingevolge de Wet uitkering wegens vrijwillig vervroegd uittreden 1984, voor zover hij op grond van bij of krachtens de Wet uitkering wegens vrijwillig vervroegd uittreden 1984gestelde voorwaarden hiervoor in aanmerking zou zijn gekomen.
2. Het recht op wachtgeld eindigt met ingang van de eerste dag van de maand waarin de ambtenaar een uitkering ontvangt ingevolge de Wet uitkering wegens vrijwillig vervroegd uittreden 1984.
3. Het recht op een uitkering ingevolge de Regeling uitkering wegens functioneel leeftijdsontslag eindigt met ingang van de eerste dag van de maand waarin de ambtenaar een uitkering ontvangt ingevolge de Wet uitkering wegens vrijwillig vervroegd uittreden 1984.
Vanaf het moment dat de ambtenaar de leeftijd heeft bereikt waarop hij, krachtens artikel 12, eerste lid, in aanmerking zou zijn gekomen voor een uitkering ingevolge de Regeling uitkering wegens functioneel leeftijdsontslag indien hij niet reeds een uitkering zou ontvangen ingevolge de Wet uitkering wegens vrijwillig vervroegd uittreden 1984, wordt het uitkeringspercentage waarop hij ingevolge laatstgenoemde wet recht heeft, verhoogd tot het percentage waarop hij recht zou hebben gehad indien de Regeling uitkering wegens functioneel leeftijdsontslag van toepassing zou zijn geweest.
2. Het recht op wachtgeld eindigt met ingang van de eerste dag van de maand waarin de ambtenaar een uitkering ontvangt ingevolge de Wet uitkering wegens vrijwillig vervroegd uittreden 1984.
3. Het recht op een uitkering ingevolge de Regeling uitkering wegens functioneel leeftijdsontslag eindigt met ingang van de eerste dag van de maand waarin de ambtenaar een uitkering ontvangt ingevolge de Wet uitkering wegens vrijwillig vervroegd uittreden 1984.
Vanaf het moment dat de ambtenaar de leeftijd heeft bereikt waarop hij, krachtens artikel 12, eerste lid, in aanmerking zou zijn gekomen voor een uitkering ingevolge de Regeling uitkering wegens functioneel leeftijdsontslag indien hij niet reeds een uitkering zou ontvangen ingevolge de Wet uitkering wegens vrijwillig vervroegd uittreden 1984, wordt het uitkeringspercentage waarop hij ingevolge laatstgenoemde wet recht heeft, verhoogd tot het percentage waarop hij recht zou hebben gehad indien de Regeling uitkering wegens functioneel leeftijdsontslag van toepassing zou zijn geweest.