BWBR0004607
Geldig vanaf 01-05-1998
Artikel 26
Vissersvaartuigenbesluit
1. Blijkt aan een ambtenaar van de Scheepvaartinspectie, dat niet meer wordt voldaan aan de eisen die voor de afgifte van enig certificaat waren gesteld en dat in het ontbrekende niet voldoende wordt voorzien, dan trekt hij het betreffende certificaat in.
2. Indien de in het eerste lid bedoelde ambtenaar een certificaat intrekt, deelt hij dit terstond mede aan het Hoofd van de Scheepvaartinspectie. In Nederland draagt het Hoofd zorg voor de bekendmaking van de intrekking. In de Nederlandse Antillen en in Aruba geeft het Hoofd de eigenaar onder opgaaf van redenen bij aangetekend schrijven kennis van de intrekking.
2. Indien de in het eerste lid bedoelde ambtenaar een certificaat intrekt, deelt hij dit terstond mede aan het Hoofd van de Scheepvaartinspectie. In Nederland draagt het Hoofd zorg voor de bekendmaking van de intrekking. In de Nederlandse Antillen en in Aruba geeft het Hoofd de eigenaar onder opgaaf van redenen bij aangetekend schrijven kennis van de intrekking.
- Citeren als
- Art. 26
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0004607
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl