BWBR0004471
Geldig vanaf 01-10-2010
Artikel 14a
Monumentenwet 1988
1. Op de voorbereiding van een besluit op een aanvraag om vergunning als bedoeld in artikel 11, tweede lid, is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing, met dien verstande dat burgemeester en wethouders ten aanzien van het door Onze minister opgestelde ontwerp van het besluit toepassing geven aan de artikelen 3:11 tot en met 3:17 van die wet.
2. Zienswijzen kunnen naar voren worden gebracht door een ieder.
3. Burgemeester en wethouders zenden tijdig naar voren gebrachte zienswijzen onmiddellijk door aan Onze minister.
4. Artikel 3:12, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing.
5. In afwijking van het eerste lid geeft Onze minister in gevallen als bedoeld in artikel 13 toepassing aan de artikelen 3:11 tot en met 3:17 van die wet. Het tweede, derde en vierde lid zijn niet van toepassing.
2. Zienswijzen kunnen naar voren worden gebracht door een ieder.
3. Burgemeester en wethouders zenden tijdig naar voren gebrachte zienswijzen onmiddellijk door aan Onze minister.
4. Artikel 3:12, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing.
5. In afwijking van het eerste lid geeft Onze minister in gevallen als bedoeld in artikel 13 toepassing aan de artikelen 3:11 tot en met 3:17 van die wet. Het tweede, derde en vierde lid zijn niet van toepassing.
- Citeren als
- Art. 14a
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0004471
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl