BWBR0004362
Geldig vanaf 1988-07-15
Artikel 7
Subsidieregeling vrijwillige pleegzorg
1. De pleegouder laat zich bij de uitvoering van zijn taak begeleiden door de erkende ambulante instelling die de indicatie heeft gesteld dan wel door de erkende ambulante instelling aan welke de begeleiding op grond van artikel 11van de erkenningsregeling is overgedragen.
2. De pleegouder werkt mee aan de totstandkoming van een schriftelijk pleegcontract tussen hemzelf, de erkende ambulante instelling, bedoeld in het eerste lid, en zo mogelijk de (stief) ouders, de voogd of andere verzorgers.
3. De pleegouder stelt de ambulante instelling, bedoeld in het eerste lid, onverwijld op de hoogte van elke verandering van de verblijfplaats van de jeugdige die langer dan één week duurt en stelt de instelling ook overigens op de hoogte van alle belangrijke ontwikkelingen met betrekking tot de jeugdige.
2. De pleegouder werkt mee aan de totstandkoming van een schriftelijk pleegcontract tussen hemzelf, de erkende ambulante instelling, bedoeld in het eerste lid, en zo mogelijk de (stief) ouders, de voogd of andere verzorgers.
3. De pleegouder stelt de ambulante instelling, bedoeld in het eerste lid, onverwijld op de hoogte van elke verandering van de verblijfplaats van de jeugdige die langer dan één week duurt en stelt de instelling ook overigens op de hoogte van alle belangrijke ontwikkelingen met betrekking tot de jeugdige.